<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Mediawijsheid</title>
	<atom:link href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid</link>
	<description>Toepassingen in het onderwijs</description>
	<lastBuildDate>Mon, 28 Jun 2010 20:07:54 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Ding 23: Evaluatie</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/22/ding-23-evaluatie/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/22/ding-23-evaluatie/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 22 Oct 2009 05:00:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=508</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Geweldig, je hebt het gehaald! Je hebt 23 Dingen bestudeerd: je hebt eraan geroken, geproefd en misschien ook wel er een lekker gerecht mee klaar gemaakt. We zijn natuurlijk heel benieuwd hoe je de Dingen bevallen zijn. Waren ze lekker, wilde je ze puur of heb je ze met andere dingen gecombineerd? En wat vonden [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Inleiding</strong><br />
Geweldig, je hebt het gehaald! Je hebt 23 Dingen bestudeerd: je hebt eraan geroken, geproefd en misschien ook wel er een lekker gerecht mee klaar gemaakt. We zijn natuurlijk heel benieuwd hoe je de Dingen bevallen zijn. Waren ze lekker, wilde je ze puur of heb je ze met andere dingen gecombineerd? En wat vonden je leerlingen van de dingen? Beviel het ze, wat je ze voorzette? In dit laatste Ding gaan we in op het waarom van deze cursus: waarom is het belangrijk dat leerlingen werken met deze en misschien ook nog heel andere Dingen, en op je eigen professionalisering: op welke manier leer jij het beste en wat zijn je professionaliseringsplannen voor de toekomst?</p>
<p><strong>23 Dingen in het onderwijs</strong><br />
In het onderwijs is de laatste jaren de visie op wat leerlingen moeten kennen en kunnen met moderne media veranderd. Aanvankelijk was er – binnen het vak informatiekunde &#8211; vooral aandacht voor het leren werken met de computer in het algemeen en tekstverwerker, spreadsheet en diapresentatiesoftware in het bijzonder. Eind vorige eeuw kwam daarbij het leren zoeken en beoordelen van informatie op internet en de laatste jaren wordt op veel scholen ook aandacht besteed aan zaken als cyberpesten en veilig internetgebruik. </p>
<p>Ook op het niveau van de overheid kwamen nieuwe inzichten. In 1996 publiceerde de Raad voor Cultuur het ‘Advies Media-educatie’ uit. In dit advies werd een pleidooi gehouden voor de integratie van media-educatie (computer- en informatievaardigheden) in het curriculum van het voortgezet onderwijs. Negen jaar later, in 2005, werd een nieuw rapport geschreven. In dit rapport werd afgestapt van het begrip media-educatie en werd het begrip mediawijsheid geïntroduceerd: ‘het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld’. Een belangrijke reden om het begrip media-educatie te verbreden naar mediawijsheid was dat de Raad voor Cultuur van mening was dat het doel en de noodzaak van mediawijsheid niet ligt in de omgang met de media zelf, maar in het kunnen participeren in het maatschappelijk proces.</p>
<p>In EU-verband is onderzoek gedaan naar kansen en bedreigingen op het gebied van het gebruik van elektronische media zoals internet en mobiele telefoon. Onderstaand schema komt uit het EU Kids Online Final Report (juni, 2009). Als je op het plaatje klikt, krijg je het in groot formaat te zien.<a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/12/schema-kansen-en-bedreigingen-CCC.jpg" target="_blank"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/schema-kansen-en-bedreigingen-klein.jpg" alt="schema kansen en bedreigingen bij het gebruik van elektronische media" title="schema-kansen-en-bedreigingen-klein" width="250" height="139" class="alignleft size-full wp-image-1544" /></a>.</p>
<p>Je ziet dat in dit document internetgebruik onderverdeeld wordt in content, conduct en contact. Content gaat over de inhoud van het net, de informatie die je er kunt vinden. Conduct gaat over wat je kunt doen op internet: spelletjes doen en/of leren, iets maken of bewerken en laten zien wie je bent en waar je voor staat. Contact, ten slotte, gaat over het contact leggen met anderen, zowel positief als negatief. Hieronder een paar voorbeelden van het belang van die verschillende elementen in ons dagelijks bestaan.</p>
<p><strong>Content</strong>: een aantal jaren geleden bleek uit onderzoek van IDC en de Delphi Research Group dat werknemers bijna een kwart van hun dag besteden aan het speuren naar informatie op het bedrijfsnetwerk en dat ze desondanks maar zelden vinden wat ze zoeken. De verloren uren kosten het bedrijfsleven miljarden, zo blijkt.</p>
<p><strong>Contact</strong>: in maart 2009 verstuurde iemand die net had gesolliciteerd bij het bedrijf Cisco het volgende twitterberichtje:</p>
<blockquote><p><em>Cisco just offered me a job! Now I have to weigh the utility of a fatty paycheck against the daily commute to San Jose and hating the work.</em></p></blockquote>
<p>Helaas voor hem las een Cisco-werknemer zijn berichtje en reageerde direct: </p>
<blockquote><p><em>Who is the hiring manager. I’m sure they would love to know that you will hate the work…. </em></p></blockquote>
<p>. Het resultaat was &#8211; uiteraard &#8211; dat de baan hem toch werd geweigerd.</p>
<p><strong>Conduct</strong>. Esmée Denters, een Nederlandse zangeres, is bekend geworden dankzij YouTube.<br />
Dat het hebben van een groot netwerk nuttig kan zijn, bewees John McCain. Hij wist voor zijn presidentscampagne 11 miljoen dollar binnen te halen door een beroep te doen op een aantal geldgevers. Obama versloeg hem: hij haalde in diezelfde periode maar liefst 55 miljoen dollar op, vooral door slim gebruik te maken van de sociale netwerken. Meer dan 90% van zijn 1.276.000 schenkers deden giften onder de 200 dollar. </p>
<p><strong>Opdrachten</strong><br />
In dit laatste Ding vragen we jullie terug te blikken op de cursus en daarover een blogpost te schrijven. </p>
<ul>
<li>Heeft het je opgeleverd wat je ervan had verwacht?</li>
<li>Wat heb je verwerkt in je lessen en wat zou je nog willen gaan verwerken?</li>
<li>Welke problemen ben je tegengekomen bij het werken met de Dingen? En wat bij het gebruik van de Dingen in je lessen?</li>
<li>Waar zou je je nu verder in willen verdiepen?</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Kijk ook eens terug op de manier waarop je hebt geleerd. Voel je je thuis bij deze aanpak, waarbij je de content via het web aangereikt krijgt? Vond je de ondersteuning die je kreeg voldoende, of vind je meer of minder ondersteuning prettiger? Wil je die ondersteuning dan in real life of vind je het prettiger om die via de mail of je blog te krijgen? Vind je het prettig om wat je leert zichtbaar te maken voor anderen via het web? </li>
<li>Leren is een &#8216;ongoing business&#8217;: als docent moet je de ontwikkelingen op je eigen vakgebied en op het gebied van didactiek bijhouden, en je zult op de hoogte moeten blijven van de ontwikkelingen in de beroepen en studies waar je leerlingen straks terecht komen en van de ontwikkelingen in de maatschappij. Je hebt net nagedacht over wat jouw leerstijl is. Schrijf nu een stukje over hoe je je in de toekomst verder wilt professionaliseren, en hoe die aanpak aansluit bij je eigen leerstijl.</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong><br />
<iframe src="http://dotsub.com/media/de8ee2e6-2fd8-4cf6-b9f8-03e4295a71cf/e/m" frameborder="0" width="420" height="347"></iframe></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/22/ding-23-evaluatie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 22: ELO&#8217;s</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/11/ding-22-elos/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/11/ding-22-elos/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 11 Oct 2009 05:00:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=518</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Steeds meer scholen hebben een elektronische of digitale leeromgeving (ELO of DLO). In die leeromgeving worden de digitale leermaterialen aangeboden, maar vaak zijn er ook allerlei extra gereedschappen te vinden, zoals een forum, een mailfaciliteit en de mogelijkheid om een poll te houden. Daarnaast zijn er in die leeromgeving vaak allerlei gereedschappen voor de organisatie [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_1624" class="wp-caption alignright" style="width: 250px"><a href="http://www.flickr.com/photos/gretchensfrage/3379888408/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/leeromgeving2.jpg" alt="Afbeelding van GretchensFrage" title="leeromgeving2" width="240" height="236" class="size-full wp-image-1624" /></a><p class="wp-caption-text">Afbeelding gemaakt door GretchensFrage</p></div><br />
<strong>Inleiding</strong><br />
Steeds meer scholen hebben een elektronische of digitale leeromgeving (ELO of DLO). In die leeromgeving worden de digitale leermaterialen aangeboden, maar vaak zijn er ook allerlei extra gereedschappen te vinden, zoals een forum, een mailfaciliteit en de mogelijkheid om een poll te houden. Daarnaast zijn er in die leeromgeving vaak allerlei gereedschappen voor de organisatie van het onderwijs: een rooster, de cijfers van de leerlingen enz. Die gereedschappen blijven in dit Ding buiten beeld: we gaan het hier hebben over de web 2.0-mogelijkheden die tegenwoordig te vinden zijn in veel leeromgeving.</p>
<p><strong>ELO&#8217;s in het onderwijs</strong><br />
We hebben in ding 1 tot en met 21 allerlei tools behandeld die gebruikt kunnen worden in het onderwijs. Veel ELO&#8217;s bieden soortgelijke mogelijkheden, of ze bieden de mogelijkheid om bestaande web 2.0 tools te embedden in de ELO. Het voordeel daarvan is dat leerlingen niet steeds weer een nieuw account hoeven aan te maken en dat de omgeving veilig en vertrouwd is: de school bepaalt wie wel en wie geen toegang heeft tot de ELO. Dat laatste kan natuurlijk ook een nadeel zijn: sommige leerlingen vinden het geweldig als hun producten voor iedereen zichtbaar zijn op het web; anderen vinden dat juist heel vervelend. Publiceren op het web is voor hen een belemmering. Je zult dus als docent steeds moeten kiezen of je gebruik maakt van web 2.0 tools of van &#8211; soortgelijke &#8211; tools in de ELO. Daarbij moet je de volgende zaken meenemen in je overwegingen:<br />
<div id="attachment_1623" class="wp-caption alignright" style="width: 250px"><a href="http://www.flickr.com/photos/adesigna/3923138328/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/leeromgeving.jpg" alt="Afbeelding gemaakt door adesigna" title="leeromgeving" width="240" height="180" class="size-full wp-image-1623" /></a><p class="wp-caption-text">Afbeelding van adesigna</p></div>
<ul>
<li>Welke tool biedt de beste mogelijkheden voor het onderwijsdoel dat je nastreeft? Een wiki in een ELO, bijvoorbeeld, biedt vaak niet dezelfde mogelijkheden als een web 2.0 wiki. Soms mist de mogelijkheid om de geschiedenis van een pagina te bekijken, en dat kan wel heel handig zijn om inzicht te krijgen in wat de leerlingen individueel hebben gedaan.</li>
<li>Welke omgeving is voor jou en je leerlingen het prettigst in het gebruik?</li>
<li>Welke omgeving sluit het beste aan bij de leervoorkeuren van je leerlingen?</li>
<li>Kan je de omgeving beveiligen op het door jou gewenste niveau: alleen toegankelijk voor leerlingen, voor leerlingen en ouders, voor de hele wereld?</li>
<li>Welke gegevens moeten leerlingen achterlaten bij het maken van een account buiten de ELO?</li>
<li>Is het werken met een tool buiten de ELO beheersbaar voor jou? Als je zelf alle wachtwoorden van de leerlingen bij moet houden, dan kan dat heel veel extra organisatiewerk opleveren. Gelukkig bieden de meeste tools de mogelijkheid om een nieuw wachtwoord te genereren en die op te sturen via een tevoren opgegeven e-mailadres.
</li>
</ul>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong></p>
<ul>
<li>Wie werkt met web 2.0 tools, al dan niet binnen een ELO, doet er goed aan tevoren met de leerlingen afspraken te maken over hoe ze een account aan moeten maken. Maken ze gebruik van hun eigen naam of een nickname, moeten ze gebruik maken van hun schoolmailadres of een eigen e-mailadres? Hoe moeten ze omgaan met eventuele reacties van buitenstaanders? Wat mogen ze wel en wat mogen ze niet doen, met die tool? </li>
<li>Bespreek ook met de leerlingen dat ze niet onderling hun gegevens moeten doorgeven. Het is heel vervelend als een ander iets publiceert onder jouw naam!</li>
<li>Soms is het handig om de gegevens van de accounts van de leerlingen op te schrijven en te bewaren. Als een leerling zijn gegevens kwijt is, kan je hem via die lijst weer toegang geven tot zijn eigen account. </li>
</ul>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Het werken in de ELO op zich zal als regel niet beoordeeld worden. Wel kan je met leerlingen bespreken wat zij vinden van het werken in de ELO: vinden ze de informatie die ze willen vinden, kunnen ze de contacten leggen die nuttig zijn voor hun onderwijs, vinden ze het prettig werken? Van welke web 2.0 tools maken ze gebruik buiten de ELO, en zouden ze die ook in de ELO terug willen vinden? Een gesprek hierover kan een schat aan informatie opleveren op basis waarvan de ELO misschien verbeterd kan worden of een keuze gemaakt kan worden voor het gebruik van tools buiten de ELO om. </p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Het is niet mogelijk hier een handleiding te zetten voor het gebruik van ELO&#8217;s omdat er veel verschillende ELO&#8217;s zijn, die ook weer per school verschillend ingericht worden. Wel hebben we een overzicht van de web 2.0-mogelijkheden van de meest bekende ELO&#8217;s in het VO. Deze overzichten zijn, met uitzondering van het overzicht van Moodle, door de leveranciers zelf ingevuld:</p>
<ul>
<li><a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/Web-2.0-in-Fronter.pdf" target="_blank">Fronter</a>,</li>
<li><a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/Web-2.0-in-its-learning.pdf" target="_blank">It&#8217;s learning</a>,</li>
<li><a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/Web-2.0-in-Moodle.pdf" target="_blank">Moodle</a>,</li>
<li><a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/Web-2.0-in-Teletop.pdf" target="_blank">Teletop (sinds begin 2010 onderdeel van Dactique)</a>.</li>
</ul>
<p><strong>Let op</strong>: elke school bepaalt zelf hoe hun ELO wordt ingericht en welke functionaliteiten daarin aangeboden worden. Het is dus mogelijk dat op jouw school de ELO niet dezelfde mogelijkheden heeft zoals ze hier door de leverancier zijn genoemd. Als je wel van die functionaliteit gebruik wilt maken, kan je op je eigen school navragen doen waarom de school die functionaliteit niet heeft toegevoegd. Wat betreft Moodle geldt dat daarvoor ongeveer 300 plugins beschikbaar zijn en dat integratie met google apps, zoals Google Docs, Forms, Chat en Skype, mogelijk is. Zie hiervoor de <a href="http://www.walhak.com/uitlegm/google_apps.html" target="_blank">uitleg van Hans Hak</a> en bekijk de <a href="http://moodle.org/mod/data/view.php?id=6009" target="_blank">plugin modules</a>.</br></p>
<p><a href="http://www.fronter.com/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/fronter1.png" alt="fronter" title="fronter" width="149" height="50" h="5" v="5" class="alignnone size-full wp-image-1636" /></a>    <a href="http://www.itslearning.nl/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/itslearning1.jpg" alt="itslearning" title="itslearning" width="96" height="50" h="5" v="5" class="alignnone size-full wp-image-1637" />    </a><a href="http://www.moodle.org/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/moodle1.jpg" alt="moodle" title="moodle" width="67" height="50" h="5" v="5" class="alignnone size-full wp-image-1638" /></a>    <a href="http://www.teletop.nl/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/07/teletop1.png" alt="teletop" title="teletop" width="61" height="50" h="5" v="5" class="alignnone size-full wp-image-1639" /></a></p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Neem een van bovenstaande overzichten van de web 2.0 mogelijkheden van ELO&#8217;s en onderzoek welke mogelijkheden de ELO op jouw school biedt. Geef hiervan een overzicht in je weblog</li>
<li>Beschrijf bij elke web 2.0 tool binnen de ELO de voor- en nadelen van het gebruik van deze tool binnen de ELO ten opzichte van de in deze cursus besproken tool. </li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Biedt de ELO op jouw school nog andere mogelijkheden, buiten de hier genoemde tools? Welke zijn dat en hoe gebruik je die?</li>
<li>Maak een lijstje van sterke punten van jullie ELO en van punten die verbeterd kunnen worden. Bespreek die met een collega en bedenk oplossingen voor de problemen. Doe ook eens navraag bij een andere school die met dezelfde ELO werkt: hoe hebben zij de door jou gesignaleerde problemen aangepakt?</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.slo.nl/downloads/2008/Leeromgeving_20en_20leermiddelen__webversie.pdf/" target="_blank">Leeromgevingen in innovatieve scholen</a> / SLO;</li>
<li><a href="http://web.kennisnet2.nl/portal/onderzoek/onderzoeken/monitoring/elektronischeleeromgeving" target="_blank">Gebruik van de Elektronische Leeromgeving in het Voortgezet Onderwijs voor communicatie in leersituaties</a> : onderzoek van  Anita van Essen in opdracht van Ict op School;</li>
<li><a href="http://web.kennisnet2.nl/portal/onderzoek/onderzoeken/overig/afstudeeronderzoek" target="_blank">Keuzeproces van een elektronische leeromgeving</a> : afstudeeronderzoek van Nienke de Vries (Toegepaste Communicatie Wetenschap Universiteit Twente);</li>
<li><a href="http://web.kennisnet2.nl/portal/onderzoek/onderzoeken/rendement/ictondersteuning" target="_blank">Een ict-ondersteunende leeromgeving voor beginnende geletterdheid</a> : Marc van Harten.</li>
</ul>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/11/ding-22-elos/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 21: Telefonie via internet</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/10/ding-21-telefonie-via-internet/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/10/ding-21-telefonie-via-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 10 Oct 2009 05:00:47 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=516</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Met mensen bellen doen we al jaren: Graham Bell legde het patent op zijn uitvinding vast in 1876 en het gebruik van de telefoon steeg enorm. Vanaf het midden van de jaren 90 ontstond de mogelijkheid om te bellen via je computer, via diensten als Skype.  In de beginjaren van deze diensten verliep het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Inleiding</strong><br />
Met mensen bellen doen we al jaren: Graham Bell legde het patent op zijn uitvinding vast in 1876 en het gebruik van de telefoon steeg enorm. Vanaf het midden van de jaren 90 ontstond de mogelijkheid om te bellen via je computer, via diensten als Skype.  In de beginjaren van deze diensten verliep het telefoonverkeer helemaal via het internet. Na de eeuwwisseling werd het ook mogelijk om vanaf de computer te bellen naar een vaste telefoonlijn. Je belt dan via het internet naar een telefoonprovider; van daaruit gaat je gesprek dan verder via de kanalen van de telefoonprovider.</p>
<p>Inmiddels kan je ook via internet bellen zonder dat je je abonneert op een dienst als Skype. Je belt dan via VOIP. VOIP staat voor Voice over IP (Internet Protocol). Je sluit hiervoor een abonnement af rechtstreeks bij je internetaanbieder. Deze vorm van bellen maakt gebruik van de standaard telefoonnummers. Het bellen verloopt via een VOIP telefoon of via een normale vaste telefoon die is aangesloten op een VOIP modem. Je hebt dan zelfs geen computer meer nodig!</p>
<p>Bellen via internet heeft een aantal voordelen:</p>
<ul>
<li>het is vaak goedkoper. Als je van de ene computer naar de andere computer belt heb je alleen de kosten van je internetverbinding: er zijn geen kosten per gesprek aan verbonden. Om dit soort gesprekken te kunnen voeren moeten de gebruikers achter een computer zitten en gebruik maken van dezelfde dienst, bijv. <a href="http://www.skype.com" target="_blank">Skype</a>, <a href="http://www.google.com/talk" target="_blank">Google Talk</a> of <a href="http://www.windowslive.com/messenger" target="_blank">Windows Live Messenger (MSN)</a>;</li>
<li>als je via internet naar een vaste of mobiele telefoon belt worden gesprekskosten in rekening gebracht voor het deel van het gesprek dat over de mobiele of vaste verbinding verloopt;</li>
<li>de meeste internet-telefoondiensten maken het mogelijk om met meer mensen tegelijkertijd te bellen;</li>
<li>via internettelefoondiensten kan je niet alleen bellen: vaak kan je ook videobellen (waarbij je elkaar kunt zien via een webcam) en bestanden delen met elkaar. Via Skype kun je tegenwoordig ook je scherm delen met de ander. </li>
</ul>
<p><strong>Telefonie via het internet in het onderwijs</strong><br />
Naast de bovengenoemde voordelen heeft het gebruik van internetbellen en VOIP nog een aantal voordelen voor het onderwijs:</p>
<ul>
<li>
Het volume van het gesprek kan zo afgestemd worden dat een hele klas het gesprek kan volgen;</li>
<li>Telefoongesprekken kunnen eenvoudig vastgelegd worden en later nog eens beluisterd worden. Dit biedt vooral meerwaarde als leerlingen zelf thuis oefeningen doen via Skype. </li>
</ul>
<p>Telefonie via internet kan in het onderwijs gebruikt worden:</p>
<ul>
<li>om leerlingen die de les niet kunnen bijwonen de les op afstand te laten volgen. Documenten en andere bestanden die tijdens de les gebruikt worden kunnen gedeeld worden;</li>
<li>met de hele klas een gesprek te voeren met een expert, in binnen- of buitenland;</li>
<li>het oefenen van (telefoon-)gesprekken, met medeleerlingen of native speakers in het buitenland;</li>
<li>voor een telefonisch spreekuur waarop leerlingen vragen kunnen stellen, bijv. als voorbereiding op een proefwerk of een examen. </li>
</ul>
<p>Het programma Skype biedt sinds januari 2009 ook de mogelijkheid om je scherm te delen. Stel dat je problemen hebt met een bepaald programma. Je kunt dan via Skype een expert  raadplegen die je op je eigen scherm kan laten zien wat je doet.<br />
Ook voor docenten is bellen via internet makkelijk: je kunt met docenten van andere scholen overleggen of met experts van buiten de school. </p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong></p>
<ul>
<li>Op lang niet alle (school-)computers staat het programma Skype geïnstalleerd. Dat hoeft ook niet: je kunt het programma Skype op een USB-stick zetten. Met behulp van die stick kan je vanaf elke computer met internetverbinding Skypen. </li>
<li>Er zijn verschillende programma&#8217;s om Skypegesprekken mee vast te leggen. Dat maakt het mogelijk om leerlingen te vragen thuis oefeningen te doen en vast te leggen. De resultaten kunnen dan (via de ELO) naar de docent gestuurd worden en eventueel klassikaal beluisterd worden. </li>
</ul>
<p>N.B. Bekijk ook de <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/180909-Algemene-checklist-voor-arrangeurs.pdf" target="_blank">algemene tips</a> voor het maken van lessen met web 2.0 tools.</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/07/21-Telefonie-via-internet-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen telefoneren via internet.</p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Klik <a href="http://coop.studiewijzerplus.nl/file.php/1/youngcoaches/skype/index.html" target=_blank">hier</a> om de handleiding in een nieuwe pagina te openen of bekijk de handleiding hieronder.<br />
<object width="425" height="344"><param name="movie" value="http://coop.studiewijzerplus.nl/file.php/1/youngcoaches/skype/skypen.swf"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://coop.studiewijzerplus.nl/file.php/1/youngcoaches/skype/skypen.swf" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="425" height="344" autostart=”false” autoplay=”false”></embed></object></p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
Schrijf een blogpost over een les waarin je leerlingen gebruik laat maken van bellen via internet. Vertel hoe je dit wilt realiseren op jouw school (laat je leerlingen thuis of op school bellen, leg je de gesprekken vast of niet) en &#8211; indien relevant &#8211; hoe je de gesprekken gaat beoordelen.
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Voer een vergadering via Skype. Beschrijf je ervaringen in een blogpost. Wat vind je makkelijk en waar loop je tegenaan?</li>
<li>Leg een Skypegesprek vast zodat je het later kunt beluisteren. Vertel in een blogpost over het resultaat: welke software heb je gebruikt en hoe is die bevallen, is de geluidskwaliteit goed?</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.internetonderwijs.net/Levende%20Talen/LTM-2005/Skype.htm" target="_blank">John Daniëls vertelt op zijn weblog</a> over een project waarbij hij studenten moderne vreemde talen via Skype laat bellen met native speakers. Het eindverslag van het project is <a href="http://www.internetonderwijs.net/Skype-project/Eindverslag/Eindverslag.htm" target="_blank">hier</a> te lezen;</li>
<li><a href="http://www.pamela.biz/en/" target="_blank">Pamela</a> en <a href="http://www.powergramo.com/" target="_blank">PowerGramo</a>: programma&#8217;s om Skype-gesprekken mee op te nemen;</li>
<li>Willem Karssenberg/Trendmatcher <a href="http://www.scribd.com/doc/7812085/Skype-Op-Usb" target="_blank">beschrijft</a> hoe hij Skype inzet bij de MVT-lessen. De gesprekken worden opgeslagen met het programma Pamela en het programma Skype draait hij vanaf een USB-stick zodat het niet op de computer geïnstalleerd hoeft te worden. </li>
<li>In <a href="http://www.karssenberg.nl/weblog/2009/10/skype-portable.html" target="_blank">deze post</a> beschrijft hoe hij de bestanden op een USB-stick zet;</li>
<li><a href="http://www.gorissen.info/Pierre/item/2007/3/9/skype-opnemen-met-powergramo" target="_blank">Beschrijving van het programma PowerGramo</a> / Pierre Gorissen;</li>
<li><a href="http://wikiskype.pbworks.com/Skype+in+the+Classroom" target="_blank">Wiki over het gebruik van Skype in de klas</a> (Engelstalig).</li>
</ul>
<p><object width="420" height="347"><param name="movie" value="http://dotsub.com/players/portalplayer.swf?plugins=dotsub&#038;uuid=9d73d3fe-c15a-4648-a155-b30a780ed04d&#038;type=video&#038;lang=eng&#038;tid=UA-3684979-1"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://dotsub.com/static/players/portalplayer.swf?plugins=dotsub&#038;uuid=9d73d3fe-c15a-4648-a155-b30a780ed04d&#038;type=video&#038;lang=eng&#038;tid=UA-3684979-1" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="420" height="347"></embed></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/10/ding-21-telefonie-via-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 20: Microbloggen en SMS</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/09/ding-20-microbloggen-en-sms/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/09/ding-20-microbloggen-en-sms/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 09 Oct 2009 05:00:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=512</guid>
		<description><![CDATA[strong>Inleiding
Nu je bekend bent met de wereld van de weblogs en het actief bezig zijn met je eigen blog, ga je kennis maken met twee andere manieren waarop je anderen op de hoogte kunt houden van je doen en laten: micro-blogging en SMS.  Beide tools worden vooral gebruikt om, terwijl je onderweg bent, anderen [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><div id="attachment_1152" class="wp-caption alignright" style="width: 160px"><a href="http://wefunction.com/page/2/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/06/tweeter-300x300.png" alt="to twitter = kwetteren, tjilpen" title="Tweeter" width="150" height="150" class="size-medium wp-image-1152" /></a><p class="wp-caption-text">twitter = kwetteren, tjilpen</p></div><strong>Inleiding</strong><br />
Nu je bekend bent met de wereld van de weblogs en het actief bezig zijn met je eigen blog, ga je kennis maken met twee andere manieren waarop je anderen op de hoogte kunt houden van je doen en laten: micro-blogging en SMS.  Beide tools worden vooral gebruikt om, terwijl je onderweg bent, anderen door middel van korte berichtjes (in principe niet meer dan 140 karakters) te vertellen wat je aan het doen bent of hebt gedaan. Bij SMS gaat het vooral om één op één contacten; bij microbloggen gaat het er juist om dat je berichtjes door zoveel mogelijk mensen gelezen worden. Bij SMS bepaal je per bericht wie dat ontvangt, bij microbloggen bepaal je, net als bij weblogs, wie toegang krijgt tot al je micropostings. Je kunt je account helemaal vrij geven zodat iedereen je kan volgen, maar je kunt ook ervoor kiezen dat anderen aan jou toestemming moeten vragen om je te mogen volgen. Uiteraard kan je ook mensen blokkeren als je niet langer wilt dat ze je volgen. Voor het ontvangen van SMS-berichtjes kun je elke mobiele telefoon gebruiken; voor het ontvangen van microblogs maak je gebruik van internet, meestal op je mobieltje. SMS is onder jongeren erg populair, microbloggen is meer bekend bij een wat oudere leeftijdsgroep.  </p>
<p>Het meest bekende microblogplatform is <a href="http://www.twitter.com" target="_blank">Twitter</a>. Twitter werd gelanceerd in 2008 en werd in korte tijd een hype. Eerst onder bloggers, maar naarmate de populariteit groeide gingen ook &#8216;gewone&#8217; mensen en politici <em>Twitteren</em> (to twitter=kwetteren, tjirpen als een vogel). Het verzenden en ontvangen van berichten kan vanaf de Twitter website, sommige Instant Messenger-programma&#8217;s en je mobiele telefoon. De inhoud van Twitter-berichtjes varieert van &#8216;mijn trein heeft vertraging&#8217; tot &#8216;ben bij presentatie over web 2.0-tools; zijn hier nog bekenden&#8217; en &#8216;vond op deze site informatie over &#8230;&#8217;. Twitter zou je kunnen vergelijken met een café waar je met je vrienden praat over van alles en nog wat. Soms ga je na een avondje stappen naar huis met het gevoel dat het gezellig was maar dat er verder weinig is gebeurd maar soms neem je uit de kroeg ook verrassende tips of informatie mee! Via Twitter kun je zowel op de hoogte zijn van de laatste roddels als van de laatste nieuwtjes op allerlei gebieden. Je kunt twitterberichtjes (tweets) beantwoorden op twee manieren: privé naar de verzender van het berichtje of voor iedereen zichtbaar. Als je een berichtje belangrijk of interessant vindt, kan je het &#8216;retweeten&#8217;, d.w.z. dat je het berichtje letterlijk herhaalt en verstuurt, zodat iedereen die jou volgt het berichtje te zien krijgt.  </p>
<p><strong>Microbloggen en SMS in het onderwijs</strong><br />
Zowel Twitter als SMS kunnen op verschillende manieren worden ingezet in het onderwijs. Je kunt bijvoorbeeld leerlingen SMS-gedichten laten maken: gedichtjes van precies 140 karakters. SMS en Twitter kunnen ook gebruikt worden als je leerlingen snel onderzoek wilt laten doen, bijv. hoeveel mensen in hun omgeving gebruik maken van het openbaar vervoer of hoe mensen denken over een bepaald (actueel) onderwerp.<br />
Twitter kan ook gebruikt worden als je informatie wilt hebben over een actueel onderwerp. Daarvoor kan je gebruik maken van de <a href="http://search.twitter.com/" target="_blank">zoekmachine van Twitter</a>.</p>
<p>SMS kan je ook gebruiken om de stemming te peilen onder je leerlingen of om na te gaan of ze iets hebben begrepen. Je kunt dat natuurlijk ook doen door leerlingen de hand op te laten steken maar bij sommige onderwerpen zullen leerlingen dan hun antwoord afstemmen op wat zij denken dat hun vrienden van hen verwachten. Stemmen via SMS is anoniem, en veel leerlingen vinden het leuk om op die manier bij een les betrokken te worden. Je kunt leerlingen vragen om hun antwoord naar jouw telefoon te sms&#8217;en, maar er zijn ook speciale sms-diensten zoals <a href="http://sendsteps.nl/products/SMS2vote" target="_blank">SMS2vote</a>. Dit soort diensten, die vaak ingezet worden tijdens een PowerPoint presentatie, zijn niet kosteloos, alhoewel er soms wel <a href="http://sendsteps.nl/products/SMS2vote#instructions-start" target="_blank">gratis een proefsessie</a> gehouden kan worden. Een soortgelijke dienst voor Twitter is <a href="http://twtpoll.com/" target="_blank">TWTpoll</a>. Met deze dienst kunnen verschillende soorten vragen gesteld worden, o.a. multiple choice, open vragen en ranking vragen. Deze dienst is wel gratis, maar als leerlingen antwoorden versturen via hun mobiele telefoon dan moeten ze daarvoor natuurlijk wel betalen. Ook bij <a href="http://www.polleverywhere.com/" target="_blank">Poll Everywhere</a> kan je gratis een stemming uitvoeren (met een maximum van 32 respondenten). Bij deze dienst kan gereageerd worden via een webpagina, Twitter en SMS. </p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Voordat je besluit om Twitter of SMS in te zetten in de les moet je nadenken over de kosten die dit met zich meebrengt. Als je alleen twittert via internet, dan zullen de meeste leerlingen geen kosten hoeven te maken: als ze thuis geen toegang hebben tot internet kunnen ze als regel daarvoor op school terecht. Maar een sms&#8217;je versturen kost wel geld, en &#8211; ook al is dat aantal dalend &#8211; er zijn ook leerlingen die geen mobiele telefoon hebben. Daarnaast zijn er kosten voor de school als je gebruik maakt van een SMS-dienst. De resultaten van deze stemming kunnen direct (live) in een Powerpoint getoond worden. </p>
<p><em>Tip:</em><br />
sinds januari 2010 is er een nieuwe &#8211; gratis -tool van Microsoft: <a href="http://www.microsoft.com/multipoint/mouse-mischief/" target="_blank">Microsoft Mouse Mischief</a>. Dit programmaatje werkt in PowerPoint en zorgt ervoor dat je in een presentatie een poll en multiplechoicevragen kunt inbouwen. Door aan je presentatie-p.c. een aantal gewone (goedkope) computermuizen te hangen (draadloos, of &#8211; met een <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/USB_hub" target="_blank">usb-hub</a> &#8211; aan een draadje) kan je je presentatie interactief maken door tijdens de presentatie je leerlingen de vragen te laten beantwoorden. Het pakket Microsoft Mouse Mischief is alleen nog verkrijgbaar in een betaversie, en kan gedownload worden via een Microsoft Connect. Voordat je het pakket kunt downloaden moet je een account aanvragen. Klik <a href="http://www.youtube.com/watch?v=Y6aaumvLz98" target="_blank">hier</a> om een filmpje te bekijken hoe het pakket werkt. </p>
<p>N.B. Bekijk ook de <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/180909-Algemene-checklist-voor-arrangeurs.pdf" target="_blank">algemene tips</a> voor het maken van lessen met web 2.0 tools.</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/10/20-Microbloggen-en-SMS-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen1.pdf">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen werken met microblogs en SMS.</p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
<object width="420" height="347"><param name="movie" value="http://dotsub.com/players/portalplayer.swf?plugins=dotsub&#038;uuid=665bd0d5-a9f4-4a07-9d9e-b31ba926ca78&#038;type=video&#038;lang=dut&#038;tid=UA-3684979-1"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://dotsub.com/static/players/portalplayer.swf?plugins=dotsub&#038;uuid=665bd0d5-a9f4-4a07-9d9e-b31ba926ca78&#038;type=video&#038;lang=dut&#038;tid=UA-3684979-1" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="420" height="347"></embed></object></p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Om <a href="http://www.twitter.com" target="_blank">Twitter </a> te ervaren, maak je een account. Vervolgens ga je op zoek naar andere Twitteraars. <br />Schrijf op je weblog een stukje over je ervaringen met Twitter. Hoe vind jij voor jou interessante tweets? Vind je het belangrijk te weten wie wie is bij Twitter? Welke verschillen ervaar je tussen bloggen en microbloggen/twitteren? </li>
<li>Schrijf een post over hoe jij microblogs in kunt zetten in jouw lessen. </li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Doe een onderzoek bij je leerlingen: hoe bekend/onbekend zijn zij met Twitter? Is het iets waar ze graag gebruik van (zouden) willen maken, privé of voor school?</li>
<li>Je kunt je weblog koppelen aan je <a href="http://twitterfeed.com/" target="_blank">Twitterfeed </a>: zo krijgen je &#8216;Followers&#8217; automatisch een link naar je blogpost. Schrijf in je blog waarom je dit wel of niet wilt doen. Lees hierover ook de <a href="http://www.gorissen.info/Pierre/item/2009/10/1/twitter-versus-google-reader "target="_blank">blogpost van Pierre Gorissen</a>.</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.edmodo.com" target="_blank">Edmodo</a> is een variant op Twitter. Deze toepassing is gericht op het onderwijs en biedt een docent de mogelijkheid om in een besloten omgeving onderwerpen en groepen aan te maken en leerlingen uit te nodigen om mee te praten. Klik er eens op de &#8216;<a href="http://www.edmodo.com/public/" target="_blank">Public Timeline</a>&#8216; om te zien waarover docenten met hun studenten twitteren.</li>
<li><a href="http://twiducate.com/" target="_blank">Twiducate</a>. Net als Edmodo een twitter-omgeving voor het onderwijs;</li>
<li><a href="http://www.computeridee.nl/artikel.jsp?rubriek=1620660&amp;id=2080190&amp;o=0" target="_blank">Ik twitter, jij twittert, wij twitteren</a> / bericht bij ComputerIdee</li>
<li><a href="http://www.gorissen.info/Pierre/item/2008/5/19/twaalf-twitter-tweet-tips" target="_blank">Twaalf Twitter Tweet Tips</a> / Pierre Gorisssen</li>
<li>Voorbeelden van conferentie Tweets: <a href="http://twitter.com/teachmeetnl" target="_blank">NOT 2009</a>, <a href="http://twitter.com/owd2008" target="_blank">OWD2008</a></li>
<li><a href="http://www.karssenberg.nl/weblog/2008/11/alweer-2-jaar-twitteren.html" target="_blank">Alweer 2 jaar twitteren</a> / Willem Karssenberg</li>
<li><a href="http://www.zbdigitaal.nl/2008/12/de-ondraaglijke-lichtheid-van-twitter.html" target="_blank">De ondraaglijke lichtheid van Twitter</a> / Edwin Mijnsbergen op ZB Digitaal</li>
<li><a href="http://wilfredrubens.typepad.com/wilfred_rubens_weblog/2008/09/microbloggen-voor-het-onderwijs.html" target="_blank">Microbloggen voor het onderwijs</a> / Wilfried Rubens</li>
<li><a href="http://dotsub.com/view/d0da44cf-9a1a-484c-8b15-f96c78ed9ed9" target="_blank">Twitter nieuwsitem bij Een Vandaag, 14 januari 2009</a></li>
<li><a href="http://www.centrifugalforces.co.uk/onesixty/pages/main.html" "target="_blank"> Site met Engelstalige sms-gedichten</a></li>
<li><a href="http://www.precies160.nl/" "target="_blank">Nederlandstalige SMS-gedichten</a>;</li>
<li><a href="http://twubs.com/" "target="_blank">Twubs</a>: een website waar je met behulp van een &#8216;hashtag&#8217; (een trefwoord voorafgegaan door een #) niet alleen Twitterberichten bij elkaar kunt brengen, maar ook foto&#8217;s, filmpjes, weblogposts, favoriete websites en nog veel meer.</li>
<li><a href="http://www.scribd.com/full/22553312?access_key=key-2nwaeucwembt4x5mnmbc">Uitgebreid document</a> over stemmen in de klas, o.a. met behulp van SMS.</li>
</ul>
<p><object width="420" height="347"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/jGbLWQYJ6iM&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/jGbLWQYJ6iM&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="420" height="347"></embed></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/09/ding-20-microbloggen-en-sms/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 19: Social bookmarking</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/08/ding-19-social-bookmarking/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/08/ding-19-social-bookmarking/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 08 Oct 2009 05:00:35 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=488</guid>
		<description><![CDATA[strong>Inleiding
Social bookmarking is het online delen van je favoriete websites.  In plaats van je favorieten (bookmarks) op te slaan op de eigen computer (waar alleen jij ze kunt zien), bewaar je ze online op een speciaal daarvoor ontwikkelde website. Je voorziet je bookmarks van trefwoorden (tags) zodat anderen ze makkelijk kunnen doorzoeken. Social bookmarking [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><div id="attachment_542" class="wp-caption alignright" style="width: 210px"><a href="http://www.flickr.com/photos/daveduarte/2817722169/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/favorieten-delen.png" alt="Originale afbeelding van Dave Duarte, gepubliceerd onder CC" title="Favorieten delen" width="200" height="136" class="size-full wp-image-542" /></a><p class="wp-caption-text">Favorieten delen</p></div><strong>Inleiding</strong><br />
Social bookmarking is het online delen van je favoriete websites.  In plaats van je favorieten (bookmarks) op te slaan op de eigen computer (waar alleen jij ze kunt zien), bewaar je ze online op een speciaal daarvoor ontwikkelde website. Je voorziet je bookmarks van trefwoorden (tags) zodat anderen ze makkelijk kunnen doorzoeken. Social bookmarking websites bieden de mogelijkheid om je favorieten te delen met anderen &#8211; vandaar de term social bookmarking &#8211; maar dat is niet verplicht.</p>
<p>Wat is een tag?<br />
De term ‘tag’ komt oorspronkelijk uit de wereld van graffiti. Hierbij gaat het om de handtekening die de makers achterlaten. Als het gaat over het toekennen van tags aan informatie op het web wordt hiermee bedoeld dat de inhoud van die informatie wordt aangeduid met sleutelwoorden. Met deze sleutelwoorden kan informatie die bij elkaar hoort, makkelijk gevonden worden. Talloze web 2.0 toepassingen geven gebruikers de mogelijkheid om tags toe te kennen aan online content: je kunt tags toekennen aan je blogposts, aan foto&#8217;s, aan video&#8217;s enz. </p>
<p>Het werken met tags lijkt op het systeem dat in bibliotheken wordt gebruikt waar boeken en tijdschriften en andere media terug te vinden zijn met trefwoorden. Maar het toekennen van trefwoorden wordt door specialisten gedaan volgens vaste regels, terwijl tags door iedereen en naar eigen inzicht worden gegeven. Het gevolg daarvan is dat niet alle publicaties over één onderwerp hetzelfde tag zullen krijgen en je dus ook niet alles terug kunt vinden. Zo kan de ene gebruiker bij Flickr een foto van zijn fiets voorzien van de tag &#8216;fiets&#8217;, terwijl een andere gebruiker de tag &#8216;rijwiel&#8217; gebruikt of de tag &#8216;fietsje&#8217;. Maar omdat zo verschrikkelijk veel mensen gebruik maken van tags is het geen probeem als je niet alles vindt: meestal vind je toch ruim voldoende! </p>
<p>Zoals je tags kunt toekennen aan blogposts, foto&#8217;s en video&#8217;s, zo kun je op social bookmarking-sites je favoriete websites voorzien van tags en opslaan. Eén van de bekendste social bookmarking-sites is Delicious. Delicious is een online social-bookmarkingsite, waarmee je al je favoriete websites:</p>
<ul>
<li>kunt opslaan en beheren, </li>
<li>kunt voorzien van een korte omschrijving (bij Delicious: max. 1000 karakters) en van tags, waardoor je je eigen collectie en die van anderen makkelijk kunt doorzoeken,</li>
<li>en kunt delen met anderen.</li>
</ul>
<p>Het sociale aspect van Delicious ligt in het feit dat je je favoriete websites kunt delen met andere gebruikers. Bijvoorbeeld: je kent de tag ‘wiskunde’ toe aan een website. Via jouw tag ‘wiskunde’ kun je niet alleen je eigen favoriete websites selecteren; je ziet ook welke andere websites door andere gebruikers zijn getagged met de term ‘wiskunde’. Op deze manier ontstaat een grote verzameling van websites die via dezelfde tags met elkaar verbonden zijn. </p>
<p>Je krijgt daarnaast ook tips: als jij een site opslaat bij je favorieten kijkt Delicious welke andere gebruikers die site ook als favoriet hebben opgeslagen en welke sites zij nog meer in hun collectie hebben. Op die manier kun je je eigen verzameling steeds verder uitbreiden, met sites die je uit jezelf misschien nooit gevonden zou hebben. </p>
<p>Je kunt je ook abonneren op de verzamelingen van je vrienden of collega&#8217;s, of de verzamelingen van anderen die je ontdekt hebt door te zoeken naar dezelfde tags of via de tips die je hebt gekregen van Delicious. Zo creëer je je eigen netwerk van mensen die jouw interesses delen.</p>
<p><strong>Social bookmarking in het onderwijs</strong><br />
Social bookmarking kan zowel handig zijn voor jezelf als voor je leerlingen. Je kunt met collega&#8217;s van je eigen school je favorieten delen, maar je kunt ook op zoek gaan naar mensen die dezelfde websites hebben ontdekt als jij en zo je netwerk buiten de schoolmuren uitbreiden.<br />
Delicious kun je door leerlingen laten gebruiken om ze een collectie favorieten te laten opbouwen voor een bepaald project of een collectie per vak die ze hun hele schoolperiode kunnen gebruiken. </p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Onderstaande handleiding kan ook <a href="http://vimeo.com/745024" target="_blank">hier</a> bekeken worden.<br />
Met behulp van de indeling onder het filmpje kan je direct naar het betreffende onderdeel in het filmpje gaan. </p>
<p><object width="400" height="295"><param name="allowfullscreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="movie" value="http://vimeo.com/moogaloop.swf?clip_id=745024&amp;server=vimeo.com&amp;show_title=1&amp;show_byline=1&amp;show_portrait=0&amp;color=00adef&amp;fullscreen=1" /><embed src="http://vimeo.com/moogaloop.swf?clip_id=745024&amp;server=vimeo.com&amp;show_title=1&amp;show_byline=1&amp;show_portrait=0&amp;color=00adef&amp;fullscreen=1" type="application/x-shockwave-flash" allowfullscreen="true" allowscriptaccess="always" width="400" height="295"></embed></object>
<p><a href="http://vimeo.com/745024">del.icio.us &#8211; handleiding</a> from <a href="http://vimeo.com/skallagrigg">Elmine Wijnia</a> on <a href="http://vimeo.com">Vimeo</a>.</p>
<p>Een korte introductie van de mogelijkheden van <a href="http://del.icio.us" target="_blank">http://del.icio.us</a><br />
Je kunt ook direct doorklikken naar:<br />
00:00 Introductie<br />
00:50 Een account aanmaken<br />
02:20 Een pagina bookmarken<br />
04:05 Een bookmark aanpassen/verwijderen<br />
04:30 Knop aan je browser toevoegen (let op: werkt alleen in Firefox!)<br />
05:35 Netwerk(en)<br />
07:00 Een onderwerp volgen<br />
07:50 Meer mogelijkheden
</p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Als leerlingen een collectie favorieten opbouwen is het van belang dat ze nadenken over welke sites betrouwbaar zijn en waarom. Wie is de maker van de site en welk belang heeft hij bij het publiceren van die informatie? Hoe vaak wordt de site vernieuwd en hoeveel en welke websites verwijzen naar die website? Deze laatste vraag is overigens makkelijk te achterhalen door in een zoekmachine het commando &#8216;<em>link:URL-website</em>&#8216;. Wil je bijvoorbeeld weten hoeveel mensen verwijzen naar de website van het KNMI, dan voer je bij de zoekmachine in: &#8216;<em>link:knmi.nl</em>&#8216;. Als je wilt weten wanneer een pagina voor het laatst is vernieuwd en je kunt die informatie niet vinden op de pagina zelf, dan kan je proberen om de datum te achterhalen door in de adresbalk de volgende code te typen: <em>javascript:alert (document.lastModified)</em>. Als je daarna klikt op <enter> verschijnt op je scherm een datum. Dit script werkt niet bij alle websites, maar het is de moeite van het proberen waard. </p>
<p>Om leerlingen een bruikbare collectie sites op te laten bouwen moeten ze niet alleen goede sites vinden: ze moeten die ook goed ontsluiten, d.w.z. dat ze de sites moeten voorzien van slim gekozen tags en van een goede omschrijving waarin beknopt wordt weergegeven wat er op die site te vinden is (bij Delicious in het vakje &#8216;notes&#8217;). Vraag eens aan alle leerlingen bij de start van een project 3 sites te vinden die betrekking hebben op het onderwerp van het project en laat ze die sites met elkaar vergelijken en de beste benoemen. De geselecteerde sites worden vervolgens opgeslagen en ontsloten via Delicious en kunnen gebruikt worden om het project uit te voeren. Nadat het project is uitgevoerd kunnen de sites nog een keer bekeken worden en de selectie aangepast. </p>
<p>N.B. Bekijk ook de <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/180909-Algemene-checklist-voor-arrangeurs.pdf" target="_blank">algemene tips</a> voor het maken van lessen met web 2.0 tools.</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/06/19-Social-bookmarking-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen werken met socialbookmarkingsites.</p>
<p><strong>Opdrachten</strong><br />
Schrijf een blogpost over social bookmarking. Geef in je post antwoord op onderstaande vragen. </p>
<ul>
<li>Kijk op het <a href="http://delicious.com/23ovcdingen">Delicious account van 23OVCdingen</a> dat voor deze oefening is aangemaakt. Je vindt hier o.a. alle websites en bronnen die in de cursus zijn genoemd. Via RSS kun je up-to-date blijven wanneer nieuwe websites aan het account zijn toegevoegd.<br />
Klik op het getal achter één van de bookmarks. Het getal geeft aan hoeveel mensen deze webpagina als favoriet hebben opgeslagen bij Delicious: hoe hoger het getal, hoe populairder de website. Welke opmerkingen plaatst men erbij? Welke tags zijn er nog meer aan toegekend? Welke tag zou jij aan deze favoriet toekennen?</li>
<li>Voeg aan het 23 OVCdingen account tenminste 2 nieuwe websites toe die relevant zijn voor dit leerprogramma. De username is: &#8216;<em>23ovcdingen</em>&#8216;, het password: &#8216;<em>cursus-ovc</em>&#8216;;</li>
<li>Welke professionele mogelijkheden zie je voor je eigen professionalisering en voor je lessen? En hoe kan je schoolteam zijn voordeel doen met Delicious?</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Maak een eigen Delicious account aan met je eigen gebruikersnaam. Als je de uitdaging aandurft, kun je je collectie favorieten op je eigen computer, importeren in Delicious. Je komt er via de Settings in Delicious.
</li>
<li>Als dat mogelijk is, installeer dan de “Delicious toevoegknop” voor Firefox of Internet Explorer, om supersnel websites aan je account toe te voegen;</li>
<li>Voeg jouw Delicious account toe aan het netwerk van de 23 OVC dingen, via de knoppen &#8216;<em>People</em>&#8216; en &#8216;<em>Add a user</em>&#8216;;</li>
<li>Ga verder netwerken! Je kunt je eigen collectie virtueel verrijken, door mensen aan je netwerk toe te voegen. Ga uit van een website die je zelf hebt toegevoegd en kijk dan wie die site nog meer in hun Delicious hebben (klik op het getal). Klik vervolgens op een gebruiker om te zien of jullie overeenkomstige sites verzamelen en voeg die tenslotte toe aan je netwerk (rechtsboven ‘Add to my network).</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.screencast.com/t/icSt83c6" target="_blank">Video-uitleg over het toevoegen van favorieten aan Delicious</a>;</li>
<li><a href="http://www.scribd.com/doc/14944/handleiding-delicious" target="_blank">Handleiding Delicious</a>;</li>
<li><a href="http://123management.nl/0/051_informatie/a510-informatie-20-informatieperspectief-web-2-0-delicious-online-linksharing-social-bookmarking.html" target="_blank">Hoe werkt online link sharing?</a> / M.A. Nieuwenhuis;</li>
<li><a href="http://www.23dingen.nl/wp-content/uploads/2008/03/deliciousvanmeerbeek.pdf" target="_blank">Delicious : social software voor onderwijs (en persoonlijk gebruik)</a> / Koen van Meerbeek;</li>
<li><a href="http://www.karssenberg.nl/weblog/2006/04/social-bookmarking-in-het-onderwijs.html" target="_blank">Social bookmarking in het onderwijs</a> / Willem Karssenberg;</li>
<li><a href="http://netters.nl/tagging" target="_blank">Best practices voor tagging</a></li>
</ul>
<p><iframe src="http://dotsub.com/media/e843f413-96c2-481f-bf1e-bf4548059ff1/e/m" frameborder="0" width="420" height="347"></iframe></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/08/ding-19-social-bookmarking/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 18: Gesproken berichten</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/07/ding-18-gesproken-berichten/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/07/ding-18-gesproken-berichten/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 07 Oct 2009 05:00:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=504</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Naast geschreven teksten, foto- en videomateriaal vind je op het web ook gesproken berichten. Dat lijkt achterhaald omdat beeld het medium van deze tijd is, maar het voordeel van gesproken berichten is dat het maken daarvan over het algemeen makkelijker is. Daarnaast vindt niet iedereen het prettig om in beeld te zijn: de drempel voor [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.flickr.com/photos/varunkrish/3622083097/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/04/gesproken-berichten-klein.png" alt="Afbeelding van varunkrish, gepubliceerd onder CC" title="gesproken-berichten-klein" width="200" height="280" class="alignright size-full wp-image-744" /></a><strong>Inleiding</strong><br />
Naast geschreven teksten, foto- en videomateriaal vind je op het web ook gesproken berichten. Dat lijkt achterhaald omdat beeld het medium van deze tijd is, maar het voordeel van gesproken berichten is dat het maken daarvan over het algemeen makkelijker is. Daarnaast vindt niet iedereen het prettig om in beeld te zijn: de drempel voor het op het web plaatsen van een gesproken bericht is dan ook veel lager dan voor een videobericht.<br />
Gesproken berichten kennen we natuurlijk al van Ding 7: de podcast. Maar er zijn ook weblogs waar je, als reactie op geschreven berichten, niet alleen een geschreven tekst maar (ook, via een andere website zoals Voki) een gesproken commentaar kunt achterlaten. Ook op fora kun je soms gesproken berichten achterlaten, en er zijn websites waar je gesproken mails kunt versturen of met anderen kunt communiceren door gesproken berichten achter te laten (bijv. <a href="http://www.snapvine.com/" target="_blank">Snapvine</a>). </p>
<p><strong>Gesproken berichten in het onderwijs</strong></p>
<table width="100%"  border="0" cellspacing="2" cellpadding="2">
<tr>
<td width="58%">Voor het onderwijs is het maken van gesproken berichten natuurlijk in de eerste plaats interessant voor het moderne vreemde talenonderwijs waar het spreken van de taal natuurlijk één van de leerdoelen is. Daarnaast is het gebruik van gesproken berichten handig voor leerlingen die moeite hebben met het lezen of schrijven van tekst, zoals dyslectische leerlingen en leerlingen met een visuele beperking. </p>
<p>Tools om met gesproken berichten te werken zijn o.a. <a href="http://vocaroo.com/" target="_blank">Vocaroo</a>, <a href="http://www.voxopop.com/" target="_blank">Voxopop</a>, <a href="http://www.utterli.com/" target="_blank">Utterli</a>, <a href="http://www.voki.com/" target="_blank">Voki</a> en <a href="http://www.snapvine.com" target="_blank">Snapvine</a>. Een Voki is een fantasiefiguurtje dat je zelf vorm kunt geven en dat je je eigen stem mee kunt geven. Je kunt je Voki versturen via de mail, maar je kunt het sprekende figuurtje ook embedden in een blogpost waar iedereen kan beluisteren wat je Voki te vertellen heeft.
</td>
<td width="42%"><script language="JavaScript" type="text/javascript" src="http://vhss-d.oddcast.com/voki_embed_functions.php"></script><script language="JavaScript" type="text/javascript">AC_Voki_Embed(200,267,"b2389d4734d0129cae66d479d4f49c33",1839589, 1, "", 0);</script><BR><em>Reageer op deze Voki door op de rechtse knop en daarna op &#8216;Leave a comment&#8217; te klikken. Als je e-mailadres wordt gevraagd kan je een nep-adres opgeven.</em></td>
</tr>
</table>
<p>Snapvine is, net als Utterli, opgezet als tool om podcasts mee te maken maar biedt de mogelijkheid om elke post (ook) op te nemen in een blog van bijv. Blogger. Bij Snapvine en Utterli zie je geen sprekend figuurtje: je krijgt alleen een pijltje waar je op moet klikken om het geluidsbestand af te luisteren. Jammer van deze tools is dat je ze wel kunt embedden in een post op je eigen weblog maar dat je alleen hierop kunt reageren via de sites zelf, dus via de sites van Snapvine en Utterli zelf. Omdat de meeste weblogs niet toestaan dat in reacties gebruik gemaakt wordt van embedcodes kunnen alleen linkjes naar de reacties opgenomen worden waardoor je steeds van je eigen blog naar de sites van Snapvine en Utterli moet switchen om een hele discussie te kunnen volgen. Je kunt wel meer auteurs benoemen op één weblog en zo via een van de genoemde tools een conversatie vast laten leggen.</p>
<p>Een heel uitgebreide tool voor gesproken berichten is <a href="http://voicethread.com/" target="_blank">Voicethread</a>. Met Voicethread kun je bestanden online zetten waarop gereageerd kan worden met geschreven of gesproken teksten of met een videobericht, opgenomen met een webcam. Dit bestand, een tekst, afbeelding of video komt midden op een pagina te staan en bezoekers van de site kunnen daarop reflecteren. Zo kunnen complete discussies over het ge-uploade bestand online gevoerd worden door de deelnemers (op een moment dat hen uitkomt) op elkaars bericht te laten reageren: over het oplossen van een wiskundig probleem, om een maatschappelijk vraagstuk te bespreken, om (in een vreemde taal) te praten over verschillende culturen enz. </p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Klik <a href="http://www.vodata.nl/voki/" target="_blank">hier</a> voor een handleiding over het gebruik van Voki, of bekijk onderstaand filmpje.</p>
<p><object width="425" height="344"><param name="movie" value="http://www.prodocent.nl/file.php/1/flashuitleg/voki.swf"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.prodocent.nl/file.php/1/flashuitleg/voki.swf" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="425" height="344" autostart=”false” autoplay=”false”></embed></object></p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Om met gesproken berichten aan de gang te kunnen gaan moeten leerlingen de beschikking hebben over computers met (ingebouwde of apart aangesloten) microfoons. In klasseverband leidt dit vaak tot rumoerigheid en ook niet iedere schoolbibliotheek heeft hiervoor een geschikte ruimte. Een mogelijke oplossing hiervoor kan zijn om de leerlingen verplicht een eigen koptelefoon te laten aanschaffen die ze op elke computer kunnen inpluggen. De kosten voor zo&#8217;n koptelefoontje hoeven niet hoog te zijn (de koptelefoontjes die in ziekenhuizen en vliegtuigen aangeboden worden zijn verkrijgbaar vanaf ca. 1.50 euro) en het komt de hygiëne ten goede. </p>
<p>N.B. Bekijk ook de <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/180909-Algemene-checklist-voor-arrangeurs.pdf" target="_blank">algemene tips</a> voor het maken van lessen met web 2.0 tools.</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/05/18-Gesproken-berichten-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen werken met gesproken berichten. </p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Maak met behulp van een van onderstaande tools een gesproken bericht en embed dit in je weblog;</li>
<li>Schrijf een post in je weblog over een les waarin je zelf een gesproken bericht aanbiedt en/of de leerlingen zelf gesproken berichten of reacties laat maken. Vertel hoe je het werk van de leerlingen beoordeelt.</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Bekijk een aantal van onderstaande tools om gesproken berichten te maken. Welke voor- en nadelen zie je aan deze tools?</li>
<li>Zet een Voki in je weblog en schrijf een post waarin je anderen uitnodigt om hierop te reageren met een gesproken commentaar via de Voki;</li>
<li>Beschrijf in je weblog welke afspraken je maakt met de leerlingen voordat ze aan de slag mogen gaan met gesproken berichten;</li>
<li>Ga na of de elektronische leeromgeving die op jouw school gebruikt wordt de mogelijkheid biedt om te werken met gesproken berichten. Hoe werkt dat? Schrijf hierover een post in je weblog. </li>
<li>Zie je mogelijkheden om gesproken berichten structureel in je lessen te gebruiken? Beschrijf in een weblog hoe je dat kunt doen en welke leerwinst dit oplevert.</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://voicethread.com/#home" target="_blank">Voicethread</a>, een tool om een discussie op te zetten over een tekst, afbeelding of video;</li>
<li>Een <a href="http://voicethread.com/book.swf?b=439833" target="_blank">voicethread over mediawijsheid</a> van Elke Das, leerkracht op een basisschool, en haar leerlingen; </li>
<li><a href="http://voicethread.com/share/26224/" target="_blank">Docenten vertellen over hoe zij Voicethread willen inzetten voor het onderwijs</a>;</li>
<li><a href="https://ed.voicethread.com/library/" target="_blank">Bibliotheek van succesvolle Voicethreadprojecten</a>;</li>
<li><a href="http://gong.ust.hk/index.html" target="_blank">The Gong Project</a>: gratis software om in een Moodle-forum de mogelijkheid te bieden om gesproken berichten achter te laten; </li>
<li><a href="http://www.walhak.com/professionalisering/nanogong_spreekvaardigheid.html" target="_blank">Screencast Nanogong in Moodle</a> / Hans Hak;</li>
<li><a href="http://www.webindeklas.nl/main/" target="_blank">Voicemailboard</a> van Web in de klas is een (betaalde) tool waarmee leerlingen gesprekken (of de uitspraak van woordjes enz.) kunnen opnemen en bewaren. Voicemailboard ziet eruit als een forum: leerlingen kunnen reageren op een discussie (of een vraag van de docent) of een eigen discussie starten;</li>
<li><a href="http://www.utterli.com/" target="_blank">Utterli</a>;</li>
<li><a href="http://www.voki.com/" target="_blank">Voki</a>: een tool om je eigen sprekende character te maken voor op je weblog. Bezoekers van je weblog kunnen door op jouw Voki te klikken een gesproken reactie geven;</li>
<li>Een <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/11/VOKI-opdracht-V4-en-V5.pdf" target="_blank">opdracht</a> van een docente van het Oranje Nassau College in Zoetermeer waarin leerlingen werken met een Voki. Kijk <a href="http://edu.familiekock.nl/VOKI%20V4.htm" target="_blank">hier</a> voor de Voki&#8217;s die gemaakt zijn door de leerlingen van 4 VWO en <a href="http://edu.familiekock.nl/VOKI%20V5.htm" target="_blank">hier</a> voor de Voko&#8217;s van de leerlingen van 5 VWO.<br />
N.B. Deze pagina&#8217;s worden aan het einde van het schooljaar leeggemaakt en pas weer gevuld als de leerlingen de opdracht gemaakt hebben; </li>
<li><a href="http://www.voxopop.com/" target="_blank">Voxopop</a>. Lees <a href="http://ict-en-onderwijs.blogspot.com/2009/12/handige-tool-voor-spreekvaardigheden.html" target="_blank">hier</a> meer informatie over deze tool. </li>
<li><a href="http://vocaroo.com/" target="_blank">Vocaroo</a>;</li>
<li>bij <a href="http://www.snapvine.com/" target="_blank">Snapvine</a> kun je een voiceblog maken waarmee je gesproken berichten kunt posten. Bezoekers kunnen een gesproken reactie achterlaten, mits ze een (gratis) account aanmaken. </li>
</ul>
<p><img style="visibility:hidden;width:0px;height:0px;" border=0 width=0 height=0 src="http://counters.gigya.com/wildfire/IMP/CXNID=2000002.0NXC/bT*xJmx*PTEyNTA4MDIyNzkxODcmcHQ9MTI1MDgwMjMxNzEwOSZwPTIwNjQyMSZkPWIyNjIyNCZnPTImbz*3Y2VjZWE2NzE3ZTU*MGNmYWY4NWY5NzRkOTJhY2EyOCZvZj*w.gif" /><object width="480" height="360"><param name="movie" value="http://voicethread.com/book.swf?b=26224"></param><param name="wmode" value="transparent"></param><embed src="http://voicethread.com/book.swf?b=26224" type="application/x-shockwave-flash" wmode="transparent" width="480" height="360"></embed></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/07/ding-18-gesproken-berichten/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 17: Veiligheid en privacy op het web</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/06/ding-17-veiligheid-en-privacy-op-het-web/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/06/ding-17-veiligheid-en-privacy-op-het-web/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 06 Oct 2009 05:00:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=490</guid>
		<description><![CDATA[strong>Inleiding
Diverse organisaties in en buiten Nederland houden zich bezig met &#8216;veilig internet&#8217;. Wat is dat eigenlijk? De term &#8216;veilig internet&#8217; is eigenlijk een containerbegrip waaronder een aantal zaken vallen:

voorzichtig omgaan met de informatie die je achterlaat op internet (privacy);
voorkomen dat anderen gegevens van jou achterhalen via nepsites (phishing);
voorkomen dat anderen jouw e-mailadres gebruiken om jou [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><div id="attachment_579" class="wp-caption alignright" style="width: 210px"><a href="http://www.flickr.com/photos/mikeygottawa/533355476/"><img class="size-full wp-image-579" title="internet-privacy-1" src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/internet-privacy-1.jpg" alt="Privacy op internet" width="200" height="198" /></a><p class="wp-caption-text">Privacy op internet</p></div><strong>Inleiding</strong><br />
Diverse organisaties in en buiten Nederland houden zich bezig met &#8216;veilig internet&#8217;. Wat is dat eigenlijk? De term &#8216;veilig internet&#8217; is eigenlijk een containerbegrip waaronder een aantal zaken vallen:</p>
<ul>
<li>voorzichtig omgaan met de informatie die je achterlaat op internet (privacy);</li>
<li>voorkomen dat anderen gegevens van jou achterhalen via nepsites (<a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Phishing" target="_blank">phishing</a>);
<li>voorkomen dat anderen jouw e-mailadres gebruiken om jou of anderen ongewenste berichten te sturen (<a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Spam_(post)" target="_blank">spam</a>);</li>
<li>voorkomen dat anderen ongewenst toegang krijgen tot jouw computer (<a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Hacken" target="_blank">hacking</a>).</li>
</ul>
<p>Inmiddels gaat &#8216;veilig internetten&#8217; niet meer alleen over computers, maar ook over andere apparaten die ons toegang bieden tot internet of andere elektronische apparatuur zoals mobiele telefoons en pda&#8217;s (personal digital assistents) en GPS-apparaten. Al die apparaten leggen immers informatie over ons vast: waar we zijn, met wie we communiceren en welke informatie we uitwisselen. Dat biedt zeker voordelen: we hebben bijna overal toegang tot enorme hoeveelheden informatie, we hebben toegang tot wereldwijde netwerken van experts en we kunnen met één druk op de knop laten delen in wat we meemaken. Spelen en werken met Web 2.0 toepassingen is leuk en handig en als je wilt leer je er veel nieuwe mensen mee kennen. Een gebruikersaccount bij een sociaal netwerk als Hyves en Facebook is zo gemaakt, foto’s van klasse-activiteiten zijn in no-time geüpload en een blogberichtje is in een paar minuten geschreven. Maar wie bij Google een account maakt krijgt niet alleen toegang tot talloze diensten maar geeft ook veel weg: Google weet en onthoudt welke informatie je zoekt en welke websites je bezoekt en de mail die je krijgt via Gmail wordt geanalyseerd om bijpassende reclamebanners te kunnen presenteren. Het is leuk om via Hyves filmpjes uit te wisselen over de feesten die je hebt bezocht maar het is een stuk minder leuk als <a href="http://sync.nl/solliciteren-check-eerst-je-hyves/" target="_blank">een werkgever je op basis van de informatie die je op je Hyvespagina hebt gezet, niet aanneemt voor die baan die je zo leuk lijkt</a>.</p>
<p><strong>Veiligheid en privacy in het onderwijs</strong><br />
Ook in het onderwijs zijn er veel vragen over wat mag en wat niet mag op internet en hoe je omgaat met privacy. Mag je foto&#8217;s van je leerlingen online zetten op je schoolwebsite? Waar kan je terecht als blijkt dat één van je leerlingen via MSN gepest wordt op internet? Hoe ga je hier als school mee om? Is het de verantwoording van school of ligt dat bij de ouders of misschien zelfs de overheid?</p>
<p>Op veel scholen worden beperkingen gesteld aan het gebruik van internet op school. Dat lijkt soms succesvol: als er op de computers geen flash wordt geïnstalleerd zullen leerlingen niet zo makkelijk toegang krijgen tot YouTube-filmpjes en door sites als Hyves en MSN te blokkeren zal het gebruik van die communicatiekanalen binnen de schoolmuren zeker afnemen. Maar dat weerhoudt leerlingen er in ieder geval niet van om buiten schooltijd die kanalen te gebruiken. Soms positief (om te overleggen over huiswerk), soms ook negatief: medeleerlingen worden gepest, er worden (bewerkte en) nare filmpjes (gemaakt met het mobieltje) over medeleerlingen of over school online gezet. En wie de Hyvespagina&#8217;s van zijn leerlingen bekijkt zal soms verbaasd zijn als hij ziet wat leerlingen daar, zichtbaar voor iedereen, over zichzelf schrijven en welke foto&#8217;s ze laten zien.</p>
<p>Het is duidelijk dat leerlingen hierin begeleid moeten worden. Velen zijn het erover eens dat scholen hierin een taak hebben, maar op lang niet alle scholen is vastgelegd hoever die verantwoordelijkheid reikt en hoe die wordt vormgegeven. Zijn scholen alleen verantwoordelijk voor wat op school gebeurt of moeten ze hun leerlingen ook leren hoe ze buiten schooltijd omgaan met nieuwe media? Bescherm je je leerlingen door de toegang tot internet te beperken of kies je er als school liever voor om leerlingen onder begeleiding kennis te laten maken met zowel de positieve als de negatieve kanten van moderne media? Wie is binnen de school verantwoordelijk voor de uitvoering van dit beleid?</p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
<object width="480" height="295"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/C7kHJR0xjCs&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/C7kHJR0xjCs&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="480" height="295"></embed></object></p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Door leerlingen te laten werken met de tools die in deze cursus aan de orde komen, kun je ze wijzen op de mogelijkheden maar ook op de risico&#8217;s van internet. Tevoren moeten er wel een aantal afspraken gemaakt worden:</p>
<ul>
<li>Als je je aanmeldt bij een website word je vaak gevraagd om je naam, je mailadres, je woonplaats en je geboortedatum. Vul je dat naar waarheid in of gebruik je een schuilnaam en een nepadres? Ga na welke voorwaarden de website hanteert (waarvoor gebruiken ze de gegevens) en realiseer je dat anderen wel eens op je naam kunnen Googlen. Als je een webdienst uit wilt proberen en liever niet je eigen e-mailadres wilt gebruiken dan kan je ook een tijdelijk adres aanmaken, bijv. bij <a href="http://www.jetable.org/nl/index" target="_blank">Jetable</a> of <a href="http://www.ikbenspamvrij.nl/" target="_blank">Ikbenspamvrij</a>;</li>
<li>Op elke computer die het web op kan, heb je toegang tot je Web 2.0 sites. Dat is natuurlijk handig maar je moet er wel voor zorgen dat je niet je wachtwoord opslaat op de computer van iemand anders en dat je je afmeldt van de website als je klaar bent. Anders kan degene die na jou dezelfde site bezoekt jouw account gebruiken;</li>
<li>Gebruik goede en veilige wachtwoorden die je kunt onthouden. Dus liever niet je eigen naam als inlog en de naam van je partner/kind/hond als wachtwoord. Een wachtwoord bestaat bij voorkeur uit een combinatie van cijfers en letters, en van kleine en grote letters door elkaar heen. Een tip: als je de eerste letters neemt van de eerste zin van een liedje waar je van houdt, dan krijg je vanzelf zo&#8217;n combinatie èn het is makkelijk te onthouden. Ben je gek op het liedje &#8216;<a href="http://www.youtube.com/watch?v=yRkovnss7sg" target="_blank">These boots are made for walking, and that&#8217;s just what they&#8217;ll do</a>&#8216;, dan kan je daarmee het volgende wachtwoord maken: Tbam4watijwtwd.<br />
Voor websites waar je niet zo vaak gebruik van denkt te maken kan je proberen om steeds dezelfde gebruikersnaam/wachtwoord-combinatie te maken. Daarmee voorkom je dat je na verloop van tijd tientallen verschillende combinaties hebt.<br />
Er zijn ook programma&#8217;s die je helpen om je wachtwoorden veilig op te slaan. Met het (gratis) programma <a href="http://www.keepass.info/" target="_blank">Keepass</a> kan je je wachtwoorden op je eigen p.c. opslaan. Je kunt alleen bij die wachtwoorden komen als je in het bezit bent van een &#8216;masterkey&#8217;: en bestandje dat je op een usb-stick kunt zetten. Met <a href="https://lastpass.com/" target="_blank">LastPass</a> zet je je wachtwoorden online achter één wachtwoord. Een prima methode als dat éne wachtwoord superveilig is en je ervoor zorgt dat het alleen bij jou bekend is. </li>
<li>Zoals gezegd, aanmelden is zo gedaan. Maar hoe kom je weer van je account af? Zelden wordt die informatie gegeven, maar als je op Google zoekt met de termen ‘naamvandewebsite delete account’ kom je wel tips tegen.</li>
</ul>
<p>Uiteraard moet na het maken van de afspraken de vinger aan de pols gehouden worden: houden leerlingen zich aan deze afspraken, hoe gaan ze om met elkaar en met anderen op internet en <a href="http://www.mediawijzer.net/?q=thema/lekker-beroemd" target="_blank">hoe bouwen ze hun eigen online identiteit</a> op?</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/10/17-Veiligheid-en-privacy-op-het-web-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten rondom het onderwerp veiligheid en privacy op het web.</p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Schrijf een weblogpost over welke regels er op jouw school zijn en welke afspraken gemaakt worden met leerlingen op het gebied van veiligheid en privacy op het web. Is er een centraal geformuleerd beleid op dit gebied?</li>
<li>Schrijf in je weblog hoe je zelf denkt over de taak die school heeft t.a.v. de veiligheid en privacy van hun leerlingen op internet en waar die verantwoording ophoudt.</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Zoek naar informatie over je leerlingen op internet. Beschrijf in je weblog wat je vindt en welke afspraken je met je leerlingen zou willen maken op basis van deze informatie.</li>
<li>Zoek ook eens naar informatie over jouw school. Is wat je vindt in overeenstemming met het imago dat de school wil uitstralen? Hoe zou je dit eventueel kunnen veranderen?</li>
</ul>
<p><em><strong>N.B. Uiteraard noem je géén voor anderen herkenbare situaties of namen. En maak het niet té persoonlijk.</strong></em></p>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.youtube.com/watch?v=IhcSeJxGfm4" target="_blank">Jongeren en social networking</a>: filmpje van Mijn Kind Online waarin jongeren ondervraagd worden wat ze doen op internet;</li>
<li><a href="http://www.gebouw13.nl/" target="_blank">Gebouw 13</a>: spel over veilig internetten;</li>
<li><a href="http://www.mijndigitalewereld.nl/index.php/menu/bibliotheek" target="_blank">Mijn digitale wereld</a>: verzameling links en filmpjes over verschillende aspecten van veilig internettten verzameld door de organisatie Digivaardig-Digibewust;</li>
<li><a href="http://www.mijnprivacy.nl" target="_blank">Website Mijn Privacy</a>, met aparte pagina&#8217;s over <a href="http://www.mijnprivacy.nl/Vraag/Onderwerp/internet/Pages/Internet.aspx" target="_blank">privacy op internet</a> en over <a href="http://www.mijnprivacy.nl/Vraag/Onderwerp/internet/minderjarigekinderen/Pages/zelf_doen.aspx" target="_blank">wat je kunt doen als je tegen bepaalde privacy-problemen aanloopt</a>;</li>
<li>Website van de overheidscampagne &#8216;<a href="http://www.veiliginternetten.nl/" target="_blank">Veilig Internetten</a>&#8216;;</li>
<li><a href="http://veilig.kennisnet.nl/" target="_blank">Veilig internetten: informatie van Kennisnet</a>;</li>
<li><a href="http://www.surfnet.nl/nl/Thema/doehetzelf/Pages/Default.aspx" target="_blank">Laat je niet pakken</a>: campagne van SURFnet over veilig computergebruik;</li>
<li><a href="http://www.youtube.com/watch?v=I0a0bn4xGOc" target="_blank">Documentaire van VPRO&#8217;s Tegenlicht (april 2007)</a> over Google en privacy<br />
<a href="http://google-protesten.startpagina.nl/" target="_blank">Google-protesten startpagina</a> over de risico&#8217;s van verschillende Google-diensten, met veel tips over hoe je jezelf kunt &#8216;ontgooglen&#8217;;</li>
<li><a href="http://www.pepermunt.net/beveiliging/hoe-onthoud-ik-al-die-wachtwoorden.html" target="_blank">Overzicht van programma&#8217;s die je helpen om je wachtwoorden te onthouden</a>;</li>
<li><a href="http://education.change.org/blog/view/dear_auntie_siobhan_my_students_wont_put_away_their_phones" target="_blank">Blogpost (met tientallen reacties) op Change.org</a> over het gebruik van mobieltjes in de klas;</li>
<li><a href="http://www.medialessen.nl/didactische_tips" target="_blank">Tips van Medialessen.nl</a> om kinderen mediawijzer te maken.</li>
</ul>
<p><object classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" width="425" height="344" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube.com/v/OohrAPiDnMA&amp;hl=nl&amp;fs=1&amp;" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed type="application/x-shockwave-flash" width="425" height="344" src="http://www.youtube.com/v/OohrAPiDnMA&amp;hl=nl&amp;fs=1&amp;" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true"></embed></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/06/ding-17-veiligheid-en-privacy-op-het-web/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 16: Screencasts maken</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/05/ding-16-screencasts-maken/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/05/ding-16-screencasts-maken/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 05 Oct 2009 05:00:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=494</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Een screencast is, zoals het woord zegt: een opname van een computerscherm. Vaak zijn screencasts voorzien van een toelichting van degene die de opname maakt waarin hij uitlegt wat er op het scherm te zien is. De meeste screencasts zijn instructiefilmpjes, bijv. hoe je in een tekstverwerker tekst in kolommen kunt zetten, hoe je formules [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.flickr.com/photos/cayusa/423300812/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/screencapture_Cayusa1.jpg" alt="screencapture_Cayusa" title="screencapture_Cayusa" width="220" height="223" class="alignright size-full wp-image-595" /></a><strong>Inleiding</strong><br />
Een screencast is, zoals het woord zegt: een opname van een computerscherm. Vaak zijn screencasts voorzien van een toelichting van degene die de opname maakt waarin hij uitlegt wat er op het scherm te zien is. De meeste screencasts zijn instructiefilmpjes, bijv. hoe je in een tekstverwerker tekst in kolommen kunt zetten, hoe je formules invoert in een spreadsheet of wat je moet doen om een bestand te downloaden. </p>
<p>&#8216;Vroeger&#8217; was het maken van een screencast een hele toer. De programma&#8217;s om screencasts te maken  (zoals Camtasia en Adobe Captivate) waren lastig te doorgronden en vaak ook erg prijzig. De laatste jaren zijn er goede toepassingen bijgekomen die gratis zijn, veel eenvoudiger in gebruik en die het makkelijk maken om je screencasts online te delen.  Als je een screencast hebt gemaakt kun je die meestal bewerken (bijv. voorzien van titels, een inleiding enz.) met de screencastsoftware zelf of met filmbewerkingssoftware zoals Moviemaker.  </p>
<p><div id="attachment_593" class="wp-caption alignleft" style="width: 210px"><a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/screentoaster.jpg"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/screentoaster.jpg" alt="logo Screentoaster" title="Screentoaster logo" width="200" height="216" class="size-full wp-image-593" /></a><p class="wp-caption-text">logo Screentoaster</p></div><strong>Screencasts maken in het onderwijs</strong><br />
Het zal je vast wel eens gebeuren dat je leerlingen wilt vertellen wat ze precies moeten doen op de computer. Je kunt ze daarbij natuurlijk klassikaal stap voor stap door het proces leiden, maar dat betekent dat iedereen op elkaar moet wachten en de praktijk leert dat veel leerlingen daarvoor niet het geduld hebben en al snel verder klikken. Het is handig als je dit soort instructies kunt aanbieden in de vorm van een screencast die iedereen in zijn eigen tijd en vooral: in zijn eigen tempo kan doornemen.  Voor De Onderwijsvernieuwingscoöperatie zijn talloze screencasts gemaakt door <a href="http://www.walhak.com/">Hans Hak</a>. In de screencasts legt hij bijvoorbeeld uit <a href="http://www.walhak.com/cursusjclic/index.html">hoe je met JClic een memory-spel kunt maken</a>, hoe je <a href="http://www.walhak.com/professionalisering/internet_audio_downloaden.html">audiofragmenten kunt downloaden van internet naar je eigen computer</a> en <a href="http://www.leerlab.nl/walhak/file.php/1/instructiefilms/stagecastcreator/index.html">hoe leerlingen met Stagecast een echte game kunnen bouwen</a>. Ook de meeste handleidingen voor leerlingen op deze site zijn screencasts van de hand van Hans. </p>
<p>Maar screencasts zijn niet alleen handig om uit te leggen hoe een programma werkt: je kunt er ook andere dingen mee laten zien. Denk bijvoorbeeld eens aan het maken van wiskundige berekeningen en bewerkingen (ook wel &#8216;<a href="http://www.mathcasts.org/">mathcasts</a>&#8216; genoemd), of het maken van een getekende uitleg (<a href="http://sketch.basement.org/">sketchcast</a>) met behulp van een tablet p.c. of een <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Tekentablet">tekentablet</a>.  </p>
<p>Je kunt natuurlijk ook leerlingen vragen om in een screencast vast te leggen wat ze doen, bijv. als ze een educatieve game spelen. De docent kan, alleen of samen met de leerling, de acties bekijken en commentaar geven. Voordeel van deze werkwijze is dat de leerling zelf kan bepalen wanneer hij wil laten zien wat hij doet en de docent kan op zijn eigen moment feedback hierop geven. Maar ook het maken van een mathcast is leerzaam: om uit te kunnen leggen wat je doet moet je immers boven de stof staan. Een ander voordeel is dat als een leerling een mathcast maakt waarin hij uitlegt wat hij precies doet om het eindresultaat te verkrijgen, de docent inzicht krijgt in wat de leerling van de stof heeft begrepen. Het eindresultaat ten slotte is bruikbaar voor andere leerlingen die &#8211; buiten de les &#8211; extra uitleg nodig hebben over de stof.</p>
<p>Er zijn verschillende tools om screencasts te maken: sommige programma&#8217;s moet je downloaden en installeren op je p.c. waarna je de screencasts desgewenst kunt uploaden; andere programma&#8217;s zijn webbased. Die kan je dus zo gebruiken. </p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
De online programma&#8217;s, zoals <a href="http://www.screencast-o-matic.com/" target="_blank">Screencast-O-matic</a> en <a href="http://www.screentoaster.com/" target="_blank">Screentoaster</a> hebben geen handleiding nodig: die wijzen zich vanzelf. Klik <a href="http://www.walhak.com/tipcam/index.html" target="_blank">hier</a> voor een handleiding voor docenten over het gebruik van het <a href="http://www.utipu.com/app/download" target="_blank">gratis te downloaden programma TipCam</a>. </p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Om een goede screencast te maken is het noodzakelijk om tevoren te bedenken hoe en wat er vastgelegd moet worden. Voordat je de opname maakt, loop je alle stappen door en je legt vast welke schermen getoond moeten worden en welke uitleg gegeven moet worden. De teksten kunnen het best volledig uitgeschreven worden. </p>
<p>Veel screencasttools bieden de mogelijkheid om de gemaakte screencasts in verschillende formaten op te slaan. Je kunt ze bewaren op je eigen computer, uploaden naar de (school-)server of op YouTube zetten. Bij Screentoaster krijg je in principe een onbeperkt account om screencasts te maken en online te zetten, maar er is wel een maximum per screencast van 150 megabyte en een screencast mag niet langer duren dan 20 minuten. Bij Screencast-O-Matic geldt een maximumlengte van 15 minuten voor de afzonderlijke screencasts. Op de site screencast.com mag je gratis 2 gigabyte aan opnamen opslaan en 2 gigabyte dataverkeer per maand doorgeven. </p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/10/16-Screencasts-maken-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen screencasts maken.</p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Beschrijf in je weblog een les waarbij je zelf een screencast (of een mathcast of een sketchcast) zou kunnen gebruiken. Is dit handiger dan werken met screenshots of een geschreven uitleg? Waarom? </li>
<li>Beschrijf kort een les waarbij leerlingen een screencast (sketchcast of mathcast) maken.</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Vergelijk 3 screencastprogramma&#8217;s (webbased of lokaal), bijvoorbeeld op bedieningsgemak, bewerkingsmogelijkheden, de mogelijkheid om deze online te zetten en om het beheer te voeren. Vertel in je weblog welk van deze programma&#8217;s jouw voorkeur heeft en waarom. Kijk voor screencastsoftware bij &#8216;Achtergrondinformatie/links&#8217;.</li>
<li>Maak zelf een screencast voor een les die je wilt geven. Embed deze screencast in je blog (bijv. door de screencast te uploaden bij YouTube).</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://www.utipu.com/app/" target="_blank">TipCam</a> is een gratis screencastprogramma dat je moet downloaden en installeren om screencasts te maken. Hans Hak heeft een <a href="http://www.walhak.com/tipcam/index.html" target="_blank">screencast</a> gemaakt waarin hij uitlegt hoe het programma werkt; </li>
<li><a href="http://www.karssenberg.nl/weblog/2007/08/mijn-eerste-en-laatste-sketchcast.html" target="_blank">Uitleg van Trendmatcher hoe je een sketchcast kunt maken</a> met een <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Tekentablet" target="_blank">tekentablet</a></li>
<li><a href="http://mashable.com/2008/02/21/screencasting-video-tutorials/" target="_blank">12 Screencasting tools for creating video tutorials</a></li>
<li><a href="http://www.articulate.com/rapid-elearning/how-to-create-screencasts-you-can-be-proud-of/" target="_blank">Tips (Engelstalig) hoe je een goede screencast moet maken</a>, met ter illustratie een screencast waarbij de tips <a href="http://screenr.com/lW8" target="_blank">niet</a>, en een waarbij de tips <a href="http://screenr.com/WC8" target="_blank">wel opgevolgd</a> zijn; </li>
<li><a href="http://speciaalonderwijs.kennisnet.nl/archief_2008/jing_screencast" target="_blank">Video’s en afbeeldingen delen met het Jing project</a>. Speciaal Onderwijs Archief Kennisnet</li>
<li><a href="http://www.screencast-o-matic.com/" target="_blank">Screencast-o-Matic</a>: een online tool om screencasts mee te maken;</li>
<li><a href="http://www.emerce.nl/artikel.jsp?id=1863582&#038;rubriek=104943" target="_blank">Workshop : screencast</a> / Erwin Boogert</li>
<li><a href="http://www.screencast.nl/hansonexperience/screencast_maken/screencast%20camtasia.html" target="_blank">Uitleg over het maken van een screencast met het programma Camtasia</a>;</li>
<li><a href="http://onderwijsvooruitzicht.blogspot.com/2009/01/deel-je-ervaringen-met-screentoaster.html" target="_blank">Deel je ervaringen met Screentoaster</a> / John van Dongen</li>
<li><a href="http://patrick.familiekoning.com/2008/03/13/mijn-screencast-ervaringen/" target="_blank">Mijn screencast ervaringen &#8211;  wie helpt?</a> / Patrick Koning;</li>
<li><a href="http://bekijkhetmaar.yurls.net/index.php?mod=yurlspage&#038;pageId=26833" target="_blank">Screencasts verzameld ten behoeve van het basisonderwijs</a>, maar bruikbaar voor het hele onderwijsveld;</li>
<li><a href="http://www.presentersuniversity.com/visuals_screencasting.php" target="_blank">Screencasting tips for beginners</a> / Betsy Weber (Engelstalig)</li>
</ul>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/05/ding-16-screencasts-maken/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 15: Sociale netwerksites</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/04/ding-15-sociale-netwerken/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/04/ding-15-sociale-netwerken/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 04 Oct 2009 05:00:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=492</guid>
		<description><![CDATA[Inleiding
Al sinds het begin van het internet, komen mensen online bij elkaar rond een onderwerp dat hen bindt. Zo ontstonden de eerste bulletinboards voor computeraars, enige tijd later gevolgd door de nieuwsgroepen op Usenet en de fora die zich nestelen binnen websites of een zelfstandig leven leiden.
Mensen hebben er blijkbaar plezier in om op internet [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.flickr.com/photos/intersectionconsulting/3598356119/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/08/sociaal-netwerk-bewerkt1.jpg" alt="sociaal netwerk" title="sociaal netwerk" width="200" height="123" class="alignright size-full wp-image-587" /></a><strong>Inleiding</strong><br />
Al sinds het begin van het internet, komen mensen online bij elkaar rond een onderwerp dat hen bindt. Zo ontstonden de eerste <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Bulletin_Board_System">bulletinboards</a> voor computeraars, enige tijd later gevolgd door de <a href="http://groups.google.nl/?hl=nl">nieuwsgroepen</a> op Usenet en de <a href="http://www.forumplein.nl/">fora </a>die zich nestelen binnen websites of een zelfstandig leven leiden.<br />
Mensen hebben er blijkbaar plezier in om op internet gelijkgestemden te ontmoeten die dezelfde interesses of vragen hebben als zij. Dat varieert van een nieuwsgroep voor verzamelaars van antiek, zeldzame ziekten of huishoudelijke issues, tot fora over wetenschap en religie.</p>
<p>Halverwege de jaren negentig van de vorige eeuw kwamen daar ineens de zogenaamde profielsites bij. Op profielsites gaat het meestal niet om een onderwerp waaromheen mensen zich groeperen, maar draait het vooral om jezelf. Op een profielsite presenteer je jezelf en anderen die willen weten wat je doet, waar je van houdt en wat je ergens van vindt, kunnen jou volgen via je profielsite. Vervolgens nodig je mensen uit om ook lid te worden van deze profielsite en om vriend met je te worden. Foto’s, muziek, bestanden, maar vooral ook wat hen dagelijks bezig houdt, je deelt het met je vrienden of contacten! En hoe meer vrienden of contacten je hebt, hoe beter je gebruik kunt maken van wat anderen met je willen delen. Orkut en Friendster waren de eerste vriendennetwerken; inmiddels zijn Hyves (voor jongeren, vooral in gebruik in Nederland), Facebook (voor privé-activiteiten, internationaal) en LinkedIn (internationaal, voor professionele netwerken) meer bekend.</p>
<p>Profielsites, communities en vriendensites worden verzameld onder de naam ’social networks’. De bekendste richten zich op de &#8216;persoonlijke&#8217; markt (Hyves, MySpace, Facebook). Sterk in opkomst zijn de zakelijke netwerken, onder aanvoering van LinkedIn, waarbij professionals vrienden van elkaar kunnen worden en waar je bijvoorbeeld ook kan terugvallen op de collegae van je vrienden.<br />
Tenslotte zijn er nog steeds sociale netwerken, waar mensen zich bundelen rondom een gemeenschappelijke interesse. Eerder maakten we al (of maken we nog) kennis met Flickr, YouTube en Netvibes als voorbeelden van websites rondom fotografie, video en het volgen van weblogs. Maar ook het in ons land populaire <a href="http://www.schoolbank.nl/" target="_blank">Schoolbank</a> (vind oud-klasgenoten) is zo’n sociaal netwerk.<br />
<iframe src="http://dotsub.com/media/3d2a8e25-fca0-465d-83e0-3c2ceca3e6a9/e/m" frameborder="0" width="420" height="347"></iframe></p>
<p><strong>Sociale netwerken in het onderwijs</strong><br />
Vrijwel elke school in Nederland heeft al een pagina op Hyves, soms gemaakt door de school zelf maar soms ook door een (oud-)leerling, al dan niet met medeweten van de school. Het is voor scholen belangrijk dat ze monitoren wat er via dit soort netwerken over hen verteld wordt. Scholen die daarbij zelf een vinger aan de &#8211; virtuele &#8211; pols willen houden doen er goed aan zelf een Hyvespagina in te richten of aan een bestaande pagina over hun school een actieve bijdrage te leveren. </p>
<p>Scholieren bevinden zich massaal op Hyves en bespreken daar alles met elkaar wat hun school- en privéleven aangaat. Filmpjes, foto’s, liefdes, pesterijen, ruzies … Hyves vormt zo een afspiegeling van het dagelijks leven en veel leerlingen ontlenen aan hun online aanwezigheid een zekere identiteit (&#8217;hoeveel vrienden heb jij?&#8217;). Het belang van Hyves voor leerlingen mag niet worden onderschat, aangezien zij soms vele uren per dag op dit netwerk doorbrengen met vrienden en klasgenoten. Daarmee is Hyves een deel van hun wereld die grenst aan hun leven op school: contacten (positief en negatief) die op school gelegd worden worden online voortgezet, en andersom. Om op scholen een veilig klimaat te scheppen is het belangrijk dat leerlingen weten dat er op scholen expertise is op het gebied van sociale netwerken en dat leerlingen daarvan afweten zodat ze, als zich daar tussen leerlingen problemen voordoen, met hun vragen daarover op school terecht kunnen. </p>
<p>Sociale netwerksites kunnen ook ingezet worden voor de lessen, bijv. om het leven van een historische figuur in beeld te (laten) brengen, om leerlingen met een (fictieve) leeftijdgenoot te laten communiceren of te vertellen over verschillende culturen. Zo zou je groepen leerlingen profielsites kunnen laten maken van een persoon uit een bepaalde periode uit het verleden en ze met elkaar kunnen laten praten via hun Hyvespagina: wat zou Napoleon aan Josephine hebben gemeld toen hij Spanje had bezet en hoe zou Josephine daarop gereageerd hebben? En wat zou Karel IV daarover hebben geschreven als hij een Hyvesprofiel had gehad? Voor de moderne vreemde talen kunnen leerlingen een Hyvesprofiel aanmaken van een leeftijdgenoot die naar Frankrijk, Duitsland of Engeland gaat verhuizen. Hoe is het leven daar, hoe zijn de scholen daar ingericht en hoe ziet het uitgaansleven in bijv. Berlijn eruit? Ze kunnen hun profielpagina aanmaken in het Nederlands maar het is natuurlijk ook mogelijk om dat te laten doen in de taal van het land zelf. Als de school banden heeft met een school in het buitenland kunnen sociale netwerksites gebruikt worden om met leerlingen uit een ander land te communiceren: de leerlingen kunnen zichzelf op hun profielpagina presenteren met een filmpje van hun eigen leven en daarna via &#8216;krabbels&#8217; (korte berichtjes die soms door anderen gelezen kunnen worden) of mail met elkaar praten over wat ze bezig houdt.<br />
Sociale netwerksites kunnen ook gebruikt worden om het leven in een bepaald gebied of bepaalde cultuur in kaart te brengen, om het leven van dieren (een hyvepagina waarin een vogel vertelt over zijn vertrek naar het zuiden) of Europese samenwerking te laten zien. </p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/file.php/1/flashuitleg/hyves.html" target="_blank">hier</a> voor een les over veilig omgaan met Hyves of bekijk het onderstaande filmpje.<br />
<object classid="clsid:D27CDB6E-AE6D-11cf-96B8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,29,0" width="400" height="300" ID="Captivate1"><param name="movie" value="http://www.prodocent.nl/file.php/1/flashuitleg/hyvesprivacy.swf"><param name="quality" value="high"><param name="menu" value="false"><param name="loop" value="0"><embed src="http://www.prodocent.nl/file.php/1/flashuitleg/hyvesprivacy.swf" width="400" height="300" loop="0" quality="high" pluginspage="http://www.macromedia.com/go/getflashplayer" type="application/x-shockwave-flash" menu="false"></embed></object></p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong></p>
<ul>
<li>Heel veel leerlingen in het voortgezet onderwijs hebben een eigen Hyvespagina. Uit verschillende onderzoekjes komt naar voren dat ze het vaak niet prettig vinden om deze persoonlijke Hyvespagina te gebruiken voor schooldoeleinden. Het is goed om dit tevoren met de leerlingen te bespreken en ze de mogelijkheid te bieden voor een project een nieuwe pagina te maken. </li>
<li>Sociale profielsites zijn niet alleen bedoeld om te laten zien wie jij bent: ze worden vooral benut om met anderen te communiceren. Communicatie over een educatief onderwerp komt niet zomaar tot stand: de docent moet dat gesprek voeden door vragen te stellen, leerlingen te stimuleren om te reageren op de pagina&#8217;s van hun klasgenoten (bijv. door deze met punten te waarderen) of door zelf te reageren. </li>
<li>Wie met sociale netwerksites aan de gang gaat in het onderwijs komt er niet onderuit om tevoren met de leerlingen te praten over wie je toegang geeft tot jouw pagina, welke communicatiemogelijkheden die profielsite biedt en voor welk soort berichten je de verschillende communicatiemogelijkheden benut. Vaak zijn leerlingen zich er niet van bewust wie er allemaal hun krabbels kunnen lezen en hun filmpjes en foto&#8217;s kunnen bekijken. Veel profielsites bieden de mogelijkheid om per onderdeel te bepalen wat voor wie zichtbaar is, maar de profielfoto op een Hyvespagina zetten is altijd voor iedereen zichtbaar. Daar moeten leerlingen dus goed over nadenken voordat ze die uploaden!</li>
</ul>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/10/15-Sociale-netwerksites-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf" target="_blank">hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen gebruik maken van sociale netwerksites.</p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ul>
<li>Ga na of je school een eigen Hyves-pagina heeft en vertel op je weblog wat er op deze Hyvesite gebeurt. Wie zijn de vrienden, waar schrijven ze over en wat is je mening over dit initiatief? Wist je van het bestaan af?</li>
<li>Bedenk een les waarbij leerlingen gebruik maken van Hyves of een ander sociaal netwerk. Vertel welke afspraken je tevoren maakt met de leerlingen over privacy en op basis van welke criteria je het werk van de leerlingen gaat beoordelen.</li>
</ul>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Vergelijk een aantal sociale netwerken met elkaar, bijv. <a href="http://www.hyves.nl/" target="_blank">Hyves</a>, <a href="http://www.linkedin.com/" target="_blank">LinkedIn</a>, <a href="http://www.ning.com/" target="_blank">Ning </a>en <a href="http://www.myspace.com/" target="_blank">MySpace</a>. Welke van deze sites vind je het meest geschikt voor de les die je hebt beschreven bij opdracht 2 en waarom?</li>
<li>Vertel in je weblog waarom je het wel of juist niet verstandig vindt om als school zelf een Hyvespagina te beginnen of zich te bemoeien met een Hyvespagina over de school die door anderen is opgezet.</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li><a href="http://dotsub.com/view/3d2a8e25-fca0-465d-83e0-3c2ceca3e6a9">Social networking in plain English</a>;</li>
<li>
Mijn Kind Online heeft <a href="http://mijnkindonline.nl/1602/kinderen-hyves.htm" target="_blank">onderzoek gedaan naar het gebruik van Hyves door kinderen van 8 tot 18 jaar</a>. Ze hebben op basis van dat onderzoek 2 brochures uitgebracht met daarin praktische tips hoe je kinderen kunt begeleiden bij het gebruik van Hyves: <a href="http://www.mijnkindonline.nl/uploads/mijn_kind_op_hyves1.pdf" target="_blank">Mijn kind op Hyves</a> en <a href="http://www.mijnkindonline.nl/uploads/mijn_puber_op_hyves1.pdf" target="_blank">Mijn puber op Hyves</a>;</li>
<li>Op de <a href="http://www.mediawijzer.net/?q=thema/lekker-beroemd" target="_blank">themasite Lekker Beroemd</a> van Mediawijzer vind je een heleboel lesideeën die te maken hebben met digitale identiteit: de manier waarop leerlingen zichzelf presenteren op internet;</li>
<li><a href="http://www.frankwatching.com/archive/2005/05/26/linkdossier-social-networking/" target="_blank">Linkdossier Social networking</a> bij Frankwatching;</li>
<li><a href="http://www.gorissen.info/Pierre/item/2008/1/26/een-leerkracht-hoort-niet-op-hyves" target="_blank">Een leerkracht hoort niet op Hyves? </a>/ Pierre Gorissen op ICT en Onderwijs Blog;</li>
<li>De <a href="http://www.marketingfacts.nl/rubrieken/Social_Networks/" target="_blank">rubriek ‘Social networks’</a> op Marketingfacts.nl;</li>
<li><a href="http://www.mediawijzer.nl/dossiers.php?ID=3" target="_blank">Dossier Profielsites</a>. Daar vind je ook de brochure ‘<a href="http://www.mediawijzer.nl/activiteiten.php?ID=2" target="_blank">Hyves, een bijenkorf vol vrienden</a>‘, gepubliceerd door Mediawijzer, platform voor genormeerd mediagebruik;</li>
<li>Indira Reynaert, docent en adviseur Nieuwe media, <a href="http://www.surfmedia.nl/app/video/121901/play?format_id=149006&#038;reynaert.wmv" target="_blank">gebruikte in 2007 Hyves als communicatieplatform voor haar lessen aan studenten communicatie-/informatiewetenschappen van de Universiteit Utrecht</a>;</li>
<li><a href="http://www.online-identiteit.nl/" target="_blank">Volkskrant Banen webspecial</a> : wie ben jij online?</li>
<li><a href="http://practicumnieuwemedia.ning.com/" target="_blank">Practicum Nieuwe Media</a>. Cursus waarbij het Ning platform is toegepast.</li>
<li>Martijn Wijngaards geeft <a href="http://martijnwijngaards.blogspot.com/2009/06/docent-op-hyves-enkele-tips.html" target="_blank">op zijn weblog een paar tips</a> hoe je als docent kunt omgaan met Hyves.</li>
<li>Sociale netwerksites:</li>
<ul>
<li><a href="http://23ovcdingen.ning.com/" target="_blank">23ovcdingen Ning</a>: het sociale netwerk voor deelnemers (en niet-deelnemers) aan 23 OVCdingen. Help mee het op te bouwen!</li>
<li><a href="http://www.hyves.nl/" target="_blank">Hyves</a>: in Nederland het populairste netwerk;</li>
<li><a href="www.myspace.com/" target="_blank">MySpace</a>: onlangs geopend in een <a href="http://nl.myspace.com/" target="_blank">Nederlandse versie</a></li>
<li>www.myspace.com/voorbeeldartiest : bijna alle grote artiesten en bands hebben een profiel op MySpace, bijv. <a href="http://www.myspace.com/michaeljackson" target="_blank">Michael Jackson</a> en <a href="http://www.facebook.com/Queen" target="_blank">Queen</a>;</li>
<li><a href="http://www.facebook.com/" target="_blank">Facebook</a>: in de VS het grootste netwerk. Werkt met vele applicaties van derden. Ook in het Nederlands;</li>
<li><a href="http://www.linkedin.com/" target="_blank">LinkedIn</a>: vind collega’s en andere professionals;</li>
<li><a href="http://www.plaxo.com/" target="_blank">Plaxo Pulse</a>: lid van meerdere sociale netwerken? Volg via deze site wat je vrienden allemaal doen.</li>
</ul>
</ul>
<p>Onderstaand filmpje werd in augustus 2009 gemaakt in het kader van de campagne Veilig Internetten, door het Ministerie van Justitie. In het filmpje werden gegevens en foto&#8217;s die Hyvers zelf openbaar hebben gezet, verwerkt zodat elke Hyver een persoonlijk filmpje kon krijgen. Veel Hyvers schrokken omdat er toch veel meer zichtbaar bleek te zijn dan ze zelf hadden gedacht. Het filmpje kan ook <a href="http://www.veiliginternetten.nl/media/video/stanislav.wmv" target="_blank">hier</a> gedownload worden. Een persbericht van het Ministerie over de campagne, met tips hoe Hyvers hun gegevens kunnen afschermen, vind je <a href="http://www.justitie.nl/actueel/persberichten/archief-2009/90819werk-van-stanislav-zit-er-op.aspx" target="_blank">hier</a>.<br />
<object width="480" height="295"><param name="movie" value="http://www.youtube.com/v/Dj0wnzdu3Xs&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0"></param><param name="allowFullScreen" value="true"></param><param name="allowscriptaccess" value="always"></param><embed src="http://www.youtube.com/v/Dj0wnzdu3Xs&#038;hl=nl&#038;fs=1&#038;rel=0" type="application/x-shockwave-flash" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" width="480" height="295"></embed></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/04/ding-15-sociale-netwerken/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ding 14: Auteursrecht en plagiaat</title>
		<link>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/03/ding-14-auteursrecht-en-plagiaat/</link>
		<comments>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/03/ding-14-auteursrecht-en-plagiaat/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 03 Oct 2009 05:00:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Margreet</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geen categorie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/?p=485</guid>
		<description><![CDATA[strong>Inleiding
Web 2.0 staat min of meer synoniem met het delen van informatie in de vorm van tekst, beeld en geluid. Dat wat jij hebt gemaakt, wil je graag delen met anderen, zodat zij er kennis mee kunnen maken, ernaar kunnen luisteren of kijken. Maar dat betekent niet dat je alles wat je op iemands weblog, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><div id="attachment_537" class="wp-caption alignright" style="width: 210px"><a href="http://www.flickr.com/photos/julicrockett/2968136899/"><img src="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/web-2.0-samen-delen.jpg" alt="afbeelding van julicrockett" title="web 2.0: samen delen" width="200" height="150" class="size-full wp-image-537" /></a><p class="wp-caption-text">afbeelding van julicrockett</p></div><strong>Inleiding</strong><br />
Web 2.0 staat min of meer synoniem met het delen van informatie in de vorm van tekst, beeld en geluid. Dat wat jij hebt gemaakt, wil je graag delen met anderen, zodat zij er kennis mee kunnen maken, ernaar kunnen luisteren of kijken. Maar dat betekent niet dat je alles wat je op iemands weblog, Flickr of Wikipedia tegenkomt, zomaar in lesmateriaal of je eigen website mag gebruiken. Kopiëren, plakken, downloaden en op je eigen server plaatsen, bewerken, linken … het kan allemaal, maar mag het ook? Wie is eigenaar van informatie en valt er wat tegen te doen als jouw foto (die jij hebt gemaakt, of waar jij op staat) opduikt op een website of tijdschrift?</p>
<p>De auteurswetgeving is een ingewikkelde materie en de meeste mensen willen er het liefst niets mee te maken hebben. Maar om problemen te voorkomen en om recht te doen aan de maker van een foto, tekst, video of muziek moet je er wel rekening mee houden. Je zult ook leerlingen erop moeten wijzen dat ongebreideld kopiëren van materiaal op het web niet is toegestaan.</p>
<p>Wie er geen bezwaar tegen heeft dat zijn werken door anderen (her)gebruikt worden, zet zijn werk tegenwoordig online met een &#8216;Creative Commons&#8217; licentie. Er zijn verschillende Creative Commons licenties  mogelijk, maar de basis van elke Creative Commons licentie is dat je daarmee anderen het recht geeft je werk over te nemen en dat je er geen vergoeding voor hoeft te ontvangen, maar dat jouw naam daarbij wel genoemd moet worden.</p>
<p>Wie &#8211; met toestemming &#8211; beeld-, tekst- en geluidsbronnen van anderen gebruikt in zijn eigen werk, zal daarbij als regel die bron willen en moeten vermelden. Dat geldt zowel voor docenten die leermaterialen maken, als voor leerlingen die bijvoorbeeld een werkstuk of weblog maken. Daarom is het goed om te weten hoe je dat volgens de officiële normen moet doen. Bij het vermelden van een webbron is het van belang niet alleen het webadres te vermelden, maar ook zaken als het webadres van een bron, wanneer een website is bezocht, wie de maker is van een foto enz. De verenigde Nederlandse onderwijsmediathecarissen hebben een <a href="http://www.nvbonline.nl/1791/Richtlijnen_bronvermelding.html" target="_blank">richtlijn</a> geschreven waarin beschreven staat hoe (de meeste) bronnen beschreven moeten worden. </p>
<p><strong>Auteursrecht en plagiaat in het onderwijs</strong><br />
Op sommige scholen wordt gebruik gemaakt van plagiaatdetectiesoftware: een programma dat teksten vergelijkt met eerder ingevoerde teksten en teksten op internet om te kijken of die overeenkomsten bevatten. Een veel gebruikt programma is <a href="http://www.ephorus.nl/demo/ephorus-in-beeld/tutorial">Ephorus</a>: dit programma is opgenomen in een aantal digitale leeromgevingen.<br />
Als een school geen plagiaatdetectieprogramma heeft, kun je zelf in een zoekmachine zoeken op een “verdacht” stukje tekst: een zin die of een fragment dat té &#8216;fraai&#8217; geformuleerd is. Plaats daarvoor een aantal woorden uit dat fragment tussen dubbele aanhalingstekens. Gebruik eventueel meer zoekmachines, bijv. <a href="http://www.google.nl/" target="_blank">Google</a>, <a href="http://www.bing.com/" target="_blank">Bing</a> en <a href="http://www.ilse.nl/" target="_blank">Ilse</a>, of een metazoekmachine zoals <a href="http://www.vinden.nl/" target="_blank">Vinden</a> of <a href="http://www.metacrawler.com/" target="_blank">Metacrawler</a>. Goeie kans dat je de bron vindt!</p>
<p><strong>Handleiding voor leerlingen</strong><br />
Onderstaand filmpje kan ook <a href="http://dotsub.com/view/fc388f27-b067-4808-a48b-98dca782957c" target="_blank">hier</a> bekeken worden.<br />
Voor iedereen die leermaterialen maakt. is deze <a href="http://www.prodocent.nl/file.php/1/digirechten/index.html" target="_blank">leereenheid over auteursrecht</a>. </p>
<p><iframe src="http://dotsub.com/media/fc388f27-b067-4808-a48b-98dca782957c/e/s" frameborder="0" width="320" height="272"></iframe></p>
<p><strong>Tips voor gebruik in de les</strong><br />
Gedurende hun schoolloopbaan maken leerlingen talloze werkstukken. Meestal is het niet de bedoeling dat zo&#8217;n werkstuk bestaat uit aan elkaar geplakte fragmenten die ze hebben gevonden op internet, en waarvan ze de bronnen niet verantwoorden. Maar hoe voorkom je dat nou? Daarvoor zijn verschillende manieren te bedenken:</p>
<ul>
<li>Geef de leerling opdrachten die niet op internet te vinden zijn, bijv. omdat ze heel specifiek zijn (bijv.: schrijf een betoog waarin je pleit voor een eigen zwembad voor onze gemeente);</li>
<li>Geef de leerlingen een opdracht waarbij ze hun mening moeten geven over één of meer door jou geselecteerde bronnen;</li>
<li>Geef de leerling opdrachten waarbij ze zelf een aantal bronnen moeten zoeken en vergelijken met elkaar (zoek 3 boekverslagen van het boek dat je hebt gelezen en geef aan waarom je welke het beste vindt);</li>
<li>Laat leerlingen geen teksten schrijven maar laat ze bijv. een collage maken, een mindmap, een toneelstuk, een lied enz. </li>
</ul>
<p>Je kunt ook juist het tegenovergestelde doen: er de nadruk op leggen dat het belangrijk is om goed gebruik te maken van de bronnen door leerlingen de opdracht te geven om een werkstuk te maken dat bestaat uit teksten die ze gevonden hebben op internet. Nodeloos te zeggen dat in dat geval bij elk stuk tekst de bron vermeld moet worden. In de conclusie van het werkstuk geeft de leerling een verantwoording waarom hij juist deze bronnen gebruikt heeft en welke bronnen hij niet heeft gebruikt. </p>
<p>N.B. Bekijk ook de <a href="http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2009/09/180909-Algemene-checklist-voor-arrangeurs.pdf" target="_blank">algemene tips</a> voor het maken van lessen met web 2.0 tools.</p>
<p><strong>Beoordelingscriteria</strong><br />
Klik <a href='http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-content/uploads/2010/03/14-Auteursrecht-en-plagiaat-mogelijke-beoordelingscriteria-werk-leerlingen.pdf'>hier</a> voor een overzicht van mogelijke beoordelingscriteria voor opdrachten waarin leerlingen te maken hebben met auteursrecht.</p>
<p><strong>Opdrachten</strong></p>
<ol>
<li>Beschrijf in je weblog hoe leerlingen voor jouw vak om moeten gaan met bronnen. Geef je zelf bronnen op, zijn er bronnen die niet gebruikt mogen worden? Hoe moeten bronnen vermeld worden?</li>
<li>Schrijf een blogpost over hoe er op jouw school omgegaan wordt met auteursrecht: hoe gaan collega&#8217;s uit jouw vaksectie/afdeling om met bronnen? Zijn er op jouw school afspraken hoe bronnen vermeld moeten worden? Vind jij dat hierover afspraken gemaakt moeten worden, per sectie, afdeling, voor de hele school? Vind jij dat de (school)bibliotheek hierin een rol moet spelen? </li>
</ol>
<p><strong>Verdiepingsoefeningen</strong></p>
<ul>
<li>Bekijk via het uitgebreide zoekformulier van de fotosite Flickr wat voor foto’s je vindt, die een Creative Commons licentie dragen. Wat vindt je van de bruikbaarheid van die foto’s? </li>
<li>Hoe kijk je zelf aan tegen het kopiëren van teksten en afbeeldingen zonder bronvermelding, privé (bijv. op profielsites als <a href="http://www.hyves.nl/" target="_blank">Hyves</a>) en voor school?</li>
<li>Werk je op school met software die teksten op plagiaat kan checken? Vertel in je blog wat daarvan de mogelijkheden zijn, hoe je hier tegenover staat en &#8211; indien mogelijk &#8211; wat je ervaringen daarmee zijn.</li>
</ul>
<p><strong>Achtergrondinformatie/links</strong></p>
<ul>
<li>Een <a href="http://www.prodocent.nl/file.php/1/digirechten/index.html" target="_blank">cursus over digitaal recht in het onderwijs</a>, gemaakt door De Onderwijsvernieuwingscoöperatie.nl, gericht op mensen die leermaterialen maken;</li>
<li><a href="http://www.slideshare.net/Kenniswerker/delen-20-presentation-662139" target="_blank">Delen 2.0 : balanceren in het tijdperk van informatie en communicatie</a> / Marina Noordegraaf</li>
<li><a href="http://creativecommons.nl/" target="_blank">Creative Commons Nederland</a></li>
<li>Met <a href="http://search.creativecommons.org/" target="_blank">deze zoekmachine</a> vind je Creative Commons gelicenseerde werken. Je zoekt hiermee o.a. naar foto’s bij de fotosite Flickr, die je vrijelijk (doch onder bepaalde condities) kunt gebruiken op je website of in print;</li>
<li><a href="http://copyrightfriendly.wikispaces.com/" target="_blank">Copyrightfriendly</a>, wiki met verwijzingen naar sites waar &#8211; onder bepaalde voorwaarden &#8211; overname van geluid- of videobestanden toegestaan is;</li>
<li><a href="http://www.gorissen.info/Pierre/item/2009/1/14/auteursrecht-en-web-2-0" target="_blank">Auteursrecht en Web 2.0</a> / Pierre Gorissen op ICT &#038; Onderwijs blog. Het bijbehorende filmpje duurt lang, is in het Engels, maar probeer het te volgen <img src='http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/wp-includes/images/smilies/icon_wink.gif' alt=';-)' class='wp-smiley' />   ;</li>
<li>De Erasmus Universiteit stelde een <a href="http://www.eur.nl/fsw/diensten/icto/plagiaat/" target="_blank">dossier samen over plagiaat en geeft een overzicht van programma’s waarmee plagiaat is op te sporen</a>;</li>
<li>Op de <a href="http://www.iusmentis.com/" target="_blank">website Ius Mentis</a>  (=het recht van het verstand) staat in begrijpelijke taal beschreven wat auteursrecht inhoudt en wat je wel en niet mag doen.</li>
<li>Een <a href="http://www.needleworkspictures.com/ocr/blog/?p=405" target="_blank">verzameling websites</a> met rechtenvrij beeld- en geluidmateriaal; </li>
<li>Bronvermelding: <a href="http://www.fontysmediatheek.nl/wiki/home/Bronvermelding" target="_blank">aanwijzingen van de Fontys Mediatheek</a> en <a href="http://www.nvbonline.nl/images/273/RICHTLIJNEN%20BRONVERMELDING%20DEFINITIEVE%20VERSIE%20MEI%202006.pdf" target="_blank">van de Vereniging van onderwijsmediathecarissen</a> (pdf).</li>
</ul>
<p><iframe src="http://dotsub.com/media/a4f2e36b-6730-466d-92ce-f90697ad86f2/e/m" frameborder="0" width="420" height="347"></iframe></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.prodocent.nl/mediawijsheid/2009/10/03/ding-14-auteursrecht-en-plagiaat/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
        