Casus 3: bij de OVC

iDevice-pictogram Digitaal leermateriaal binnen de OVC
Bij de OVC werk je als leermiddelenarrangeur aan een gedigitaliseerd leermaterialenbestand dat is bedoeld om kerndoeldekkend te kunnen worden ingezet in de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Al het leermateriaal wordt daartoe ondergebracht in een centrale, gezamenlijke ‘leermaterialendatabase’. Vooralsnog is dat de ELO van de OVC, maar in de toekomst zal deze worden vervangen door een professioneel systeem waarmee de leermaterialen beter en gemakkelijker kunnen worden beheerd, onderhouden, doorontwikkeld en aangeboden aan de scholen. 

 

Dat is ook wel nodig als je bedenkt dat vanaf het schooljaar 2009-2010 honderden docenten en duizenden leerlingen vanuit allerlei scholen het materiaal structureel gaan gebruiken in het onderwijs.

De vraag is nu of je in deze situatie nog steeds materiaal van anderen kunt gebruiken zonder dat je daarvoor de rechten hoeft te checken of te regelen. Er is immers zoveel bruikbaars van onbekenden te vinden op het internet, dat er haast geen beginnen aan is. Wat is daarop jouw antwoord?

Antwoordmogelijkheden:
  1. Ja, want….
  2. Nee, want….
  3. Dat hangt ervan af, want…
Welke antwoord vind je het best passen? Noteer in je werkboek bij casus 3 tenminste 3 argumenten. Vergelijk deze daarna wederom met de feedback in het programma. Zat je op het juiste spoor? Waarom wel of niet?